Home    -     Contact     -   AT5    -    Het Parool    -    De Volkskrant    -     Amsterdam Info    -     Amsterdam.nl    -    Liefya
4 september 2007

                

                Canal Journal:  In 1980, Dutch nuclear waste was still being dumped at sea

Feest in de Nieuwemeersluis

Sluiswachter Rob van de Nieuwemeersluis stuurde mij vandaag een foto van zijn sluis zoals ik hem nog nooit heb gezien. Hij is gemaakt op zondag 26 augustus, de dag van de `Van Wijk sloepentocht`. Op  diezelfde dag was er een waterfeestje op de Nieuwe Meer, dus het was drukker dan ooit op de sluis. Volgens Rob waren er 4 schuttingen nodig om al die sloepen de stad uit te loodsen.

`Het was een gezellige drukte zonder problemen en volgens mij waren de wachttijden niet al te lang,` schreef hij in het mailtje bij de foto.

 

   3 september 2007   

                   

                    Canal Journal: The birth of Greenpeace

De geboorte van Greenpeace

 

In mijn oude schoenendoos met Greenpeace-foto’s vond ik nog een paar plaatjes, waarvan ik het bestaan vergeten was. Maar het verhaal bij die foto’s vergeet ik nooit. Dat verhaal vertelt over de geboorte van de grootste milieuorganisatie ter wereld.

 

Tijd: 19 september 1971

Plaats: Kodiak, Alaska, in de vissershaven

 

 

Vanuit die haven werkte ik als matroos op de ‘Lucky Island’ van schipper Jim Wickersham. De boot lag in de haven na het zalmseizoen, we zouden overschakelen naar krabvisserij.

Zoals veel vissers in de haven, was Jim lid van het plaatselijke “Don’t make a wave committee”

 

Dat was een organisatie met afdelingen langs de hele Amerikaanse westkust, die protesteerde tegen een aangekondigde onderaardse kernproef onder het eilandje Amchitka in de Aleoeten.

 

De angst van mijn plaatsgenoten voor die kernproef was begrijpelijk. Amchitka en Kodiak liggen beiden op de San Andreas Fault, een berucht aardbevingsgebied dat langs de hele westkust van Amerika loopt. Zeven jaar eerder, in 1964, had een zware aardbeving met een tsunami het hele stadje met de grond gelijk gemaakt.

 

“Don’t make a wave” charterde vanuit Vancouver een oude vissersboot die naar Amchitka zou varen om daar te patrouilleren in het verboden testgebied. De Phyllis Cormack was omgedoopt tot “Greenpeace”

 

Die boot kwam op 19 september de haven van Kodiak binnenvaren en meerde af naast de “Lucky Island”

Er moest worden gebunkerd en geproviandeerd voor de zware oversteek naar Amchitka. De bemanning was uitgeput na veel storm onderweg en er zou een nieuw bemanningslid aan boord komen..

 

Jim en ik waren als eersten aan boord om ze te verwelkomen, samen met Art Ziegler, de oprichter van “Don’t make a wave in Kodiak” Die had de 'Greenpeace' vanuit zijn kaarsenwinkel de haven zien invaren en was er achteraan gekomen.

We dronken veel inktzwarte koffie in die kombuis en smeedden plannen voor een betere wereld.

 

Ziegler ritselde gratis stookolie en proviand, we organiseerden een benefietfeestje met vissers in het plaatselijk museum en de Greenpeace kreeg drie dagen later een escorte van bootjes en toeterende scheepshoorns op haar weg de haven uit.

 

De Greenpeace werd op 30 september door de Amerikaanse kustwacht geënterd en opgebracht naar Akutan.

De boot heeft Amchitka nooit bereikt. Pas op 6 november werd de kernproef uitgevoerd. Op die dag was Kodiak uitgestorven en de haven was bijna leeg.

De gevreesde tsunami kwam niet, maar de wereld was wakker geschud. Amchitka is nu een vogelreservaat en kernproeven zijn sindsdien in de VS nooit meer gehouden.

 

De kiekjes hiernaast zijn nu historische documenten geworden. De mannen die er op staan afgebeeld hebben wereldgeschiedenis geschreven. 

 

Hun eigen geschiedenis is te lezen in de Greenpeace History van Rex Wyler, waarin ook de tocht naar Amchitka uitvoerig is beschreven. Aan het driedaags verblijf  van de 'Greenpeace' in Kodiak wijdt hij twee zinnen. Er gebeurde niets spectaculairs en er was geen enkele foto van bewaard gebleven.

 

Totdat ik in mijn Greenpeace schoenendoos ging zoeken naar die foto op de Rainbow Warrior. Die staat inmiddels als illustratie in mijn bijdrage van  28 augustus 2007

 

.

 

 

Hieronder de mast van de Phillys Cormack met de vlaggen van de V.S., Canada, Alaska en de eerste,  handgemaakte, Greenpeace vlag.

 

   30 augustus 2007   

 

Ame Stelle Redamme

 

Uit die drie middeleeuwse woorden is de naam van onze stad opgebouwd.

De letterlijke betekenis: “Dam in een watergebied”

 

Als je een stad wilt bouwen in een moeras in een regenachtig land, moet je zorgen voor een goede waterafvoer.

Onze voorouders hebben vele eeuwen de tijd gehad om te leren hoe je dat moet doen.

Steeds meer grachten, sluizen en windmolens zorgden ervoor dat steeds meer Amsterdammers hun voeten droog konden houden in dat moeras. De kroon op dat werk was de vierde stadsuitleg van 1612, waarmee stadstimmerman Hendrick Staets onze drie hoofdgrachten op de kaart zette en de definitieve vorm van onze stad bepaalde.

 

Amsterdam werd steeds groter en rijker door een bijkomend voordeel van dat afwateringssysteem: Je kon er op varen.

Iedere uithoek van de stad was erdoor verbonden met de havens en daar kwam handel uit de hele wereld binnen.

Door dat geniale netwerk van ‘open pijpleidingen’ konden astronomische hoeveelheden handelsgoederen met spierkracht door de stad worden vervoerd naar tienduizend pakzolders van koopmanshuizen en meer dan duizend pakhuizen.

Als we die prestatie vandaag zouden willen evenaren met vrachtwagens langs die grachten, zou het verkeer in de hele binnenstad permanent vastlopen.

 

Een eeuw lang hebben Amsterdammers kosten noch moeite gespaard om hun waterstad geschikt te maken voor autoverkeer. Grachten gedempt, historische panden gesloopt, tunnels gegraven en heel veel beton in de grond gestopt voor ondergrondse parkeergarages en dergelijke.

Het failliet van al die pogingen blijkt dit jaar meer dan ooit uit de aanzwellende stroom krantenkoppen over verkeersinfarcten, files die alsmaar langer worden en fijnstof, waar mensen van doodgaan. “Amsterdam is onbereikbaar geworden” lees je overal.

 

Amsterdam krijgt grote problemen met een bijkomend nadeel  van dat afwateringssysteem: als je het te weinig ruimte geeft krijg je weer natte voeten. Gedempte grachten, tunnels en ondergrondse parkeergarages maken die ruimte kleiner.  Dat is niet alleen een Amsterdams probleem. Afwatering is van levensbelang voor een groot deel van ons land.  In de afgelopen drijfnatte zomer stonden overal in Nederland kelders en tunnels onder water omdat de afvoercapaciteit tekort schoot.

 

Daar wordt aan gewerkt. Overal in Nederland, behalve in Amsterdam.

In onze stad is de wateroverlast dit jaar toevallig nog wel meegevallen.

In 9 steden worden op dit moment gedempte grachten uitgegraven. Oude vaarwegen worden hersteld en polders worden prijsgegeven aan de natuur. Rijkswaterstaat werkt aan ambitieuze projecten met overloopgebieden en spaarbekkens langs de rivieren.

 

Maar Amsterdam vond 5 miljoen voor het openmaken van een stukje Lijnbaansgracht te duur. Een open Vijzelgracht paste niet in het bestemmingsplan. Tegen wethouder Guido Frankfurther’s voorstel om de gedempte Jordaangrachten open te graven kwam zelfs een protestcomité van winkeliers in actie.

 

In dat hoenderhok van middenstandersbelangen is onlangs een forse knuppel gegooid:

 

 

Dat stond boven een leerzaam artikel van architect Leo Q. Onderwater in NRC Handelsblad.

Een klik op bovenstaande kop leidt naar een scan van het complete artikel.

Ik hoop dat alle Amsterdamse gemeentebestuurders die tekst zullen lezen.

 

28 augustus 2007  

Speedboten zijn veel gevaarlijker dan auto's

 

In 1980 mocht ik  een paar campagnes van Greenpeace meemaken aan boord van de nu legendarische eerste “Rainbow Warrior”.  In een korte training werd ik opgeleid tot stuurman op een van de vier Zodiacs op het schip. ‘Mijn’ rubberboot had een Mercury motor van 200 pk.  

Bij oefeningen in rustig water leerden we van eerste stuurman Bruce dat bij hoge snelheden op zee de kleinste besturingsfout fataal kan zijn. Zelfs een half onder water drijvend stuk boomstam kan je dood betekenen. Als je het ding ziet ben je al te laat om te reageren. “You are dead now” was zijn laconieke standaardreactie op elke navigatiefout.

 

We zijn een heleboel keren ‘dood’ geweest voordat we met onze brullende monsters de zee op mochten.

Maar Bruce had eerst nog een andere dringende boodschap:

 “Op open zee zijn niet zo veel obstakels. Je speelt er voornamelijk met je eigen leven. Je mag er zo hard varen als je wilt. Maar in de buurt van de wal en op binnenwater mag onder geen enkele omstandigheid snel gevaren worden. Daar wordt je scheurende Zodiac een moordmachine voor alles op zijn koers. Als je een zwemmer ziet, ben je al te laat om te reageren. We willen geen mensenlevens op ons geweten hebben.“ Als bewijs voor zijn woorden bracht Bruce een dikke map met Amerikaanse krantenknipsels mee met "dood door schuld" zaken van speedboten en zwemmers.

 

Bij de opwerkingsfabriek “Cap de la Hague” in Bretagne zou een Japans schip, de “Pacific Swan” kernafval komen lossen. De “Rainbow Warrior” lag in de haven van Cherbourg op dat schip te wachten voor een actie.

Na een solidariteitsdemonstratie in de stad die was georganiseerd door plaatselijke actievoerders, werd de Rainbow Warrior door de autoriteiten de haven uitgestuurd in een vliegende storm. Met windkracht 10 maakten we daarna 15 mijl uit de kust rondjes in het kanaal.  De “Specific Swine” zoals we ons doelwit hadden gedoopt, was een week vertraagd. De storm duurde die hele week en we moesten regelmatig naar de wal voor proviand en voor geheim contact met plaatselijke actievoerders. Dus werden iedere dag twee Zodiacs gelanceerd in golven van 10 meter hoog. De halve bemanning was zeeziek, dus ik kwam elke keer aan de bak. Ik heb gelukkig nooit last van zeeziekte. We kregen zes wildwater-avonturen achter elkaar, die waarschijnlijk niemand van de betrokkenen ooit zal vergeten. Golven waren bergruggen met bergpassen waar je schuin doorheen kon slippen naar de volgende bergpas. In een bergdal was het relatief rustig en veilig varen, maar die muren van water om je heen waren dan zo hoog als flatgebouwen. Alsof al dat water zo bovenop je kon vallen. Als ik ooit een gevoel van nietigheid heb gehad was het toen in zo’n bergdal van golven.

 

In die week hebben we lessen geleerd, waar Bruce ons niet voor had kunnen trainen. Mijn vuurdoop was heftiger dan voorzien. In ieder geval heb ik daar goed geleerd wat je met een speedboot kan doen.

Maar ik heb er vooral geleerd wat je er niet mee kan en mag doen en waarom.  Als je tenminste niet het risico wilt lopen om mensenlevens op je geweten te krijgen.

 

Uw grachtenjournalist in 1980 op de 'Rainbow Warrior' in Cherbourg

 

 

Een Zodiac in rustig vaarwaterwater (foto Greenpeace)

Speedboten zijn veel gevaarlijker dan auto's  (II)

 

Een formule 1 raceauto voldoet op geen enkele manier aan de voorwaarden van onze wegenverkeerswet.

Die dingen worden op de openbare weg in grote vrachtwagens vervoerd en alleen losgelaten op goed afgeschermde plekken waar ze zich tussen strobalen en speciale vangrails kunnen uitleven. Zelfs daar gaat het vaak mis, op Youtube zijn tientallen rampenfilmpjes te vinden waarin je brandende vehikels en onderdelen de tribunes van de desbetreffende circuits zien binnenvliegen.

Gelukkig haalt geen mens het in zijn hoofd om met zo’n apparaat de straat op te gaan, laat staan een woonerf binnen te rijden.

Dat is gelukkig streng verboden en bijna onmogelijk.

 

In en rond Amsterdam, mag je bijna nergens harder varen dan 7,5 km per uur.

Dat is woonerf-snelheid. Bedoeld om spelende kinderen, zwemmers, kano’s, waterfietsen en andere kwetsbare watergebruikers te beschermen. En de oevers. En de meerkoeten die daar broeden. En de meertouwen van afgemeerde boten langs die oevers.

 

Anno 2007 vaart een gemiddelde speedboot bij vol gas met gemak 50 km per uur.  

Met die snelheid ben je in een Amsterdamse gracht een formule 1 raceauto die scheurt door een woonerf zonder paaltjes er omheen. Levensgevaarlijk dus.

Hoe vaak dat gebeurt, bewijst het meldpunt Overlast te Water van BBA. Scheurende speedboten bezetten een onbetwiste toppositie op die klachtenlijst. Ikzelf zie er minstens eenmaal per dag een 'vol gas' langsgaan.

Wie de woorden: ‘overlast speedboten’ intikt op Google krijgt 20 000 pagina's met klachten.

 

In de afgelopen week ging het drie keer mis. Driemaal botste een speedboot met hoge snelheid ergens tegenaan.

Drie gewonden, ditmaal alledrie opvarenden van een speedboot.

Op de Nieuwe Meer waar de gewonden vielen, heb ik op de fatale route van die speedboot zelf vaak met rustig weer mijn bootje te drijven gelegd om een rondje te zwemmen. Veel mensen doen dat, soms zelfs midden op het meer.  

Een vrolijk stukje video van mijn zwemmende vriendin op die plek bezorgt me nu koude rillingen en ik word er cynisch van.

Als met die speedboot een zwemmer aan flarden was gevaren in plaats van de eigen bemanning, dan zouden nu de regels op het water worden aangescherpt. Politie en BBA zouden er misschien een paar ambtenaren en een nieuwe patrouilleboot bij krijgen, maar het zou allemaal weinig helpen. Handhaving van de wet op zo veel water vergt een politiemacht van tientallen boten en honderden ambtenaren.

Zolang er niet wordt gehandhaafd, worden regels massaal overtreden. Onze deskundigen op het gebied van wegverkeer weten daar alles van.

 

Ik borduur nog even door op dat scenario:

Na nog veel meer ongelukken zullen speedboten eerst uit onze grachten, en daarna uit al ons binnenwater worden geweerd.

Ze horen er eigenlijk net zomin thuis als raceauto’s op een woonerf.

Uiteindelijk zullen we weer voor onze rust het water op kunnen gaan.

Ik vraag me nu al af met hoeveel mensenlevens die rust zal worden betaald.

 

   27 augustus 2007   

 

Drie gewonden bij ongeluk met speedboot

 

26-8-2007

Bij een aanvaring op de Nieuwe Meer zijn zondagmiddag drie mensen gewond geraakt.
Even voor 17.00 uur botste een speedboot met hoge snelheid op een stalen kajuitboot. De drie opvarenden van de speedboot raakten hierbij gewond. Eén van hen raakte bekneld en is er ernstig aan toe. Alle gewonden zijn naar een ziekenhuis gebracht.

(bron AT5).
 

Op donderdag 23 augustus passeerde ik de Nieuwe Meer tweemaal op een vaartochtje naar Aalsmeer en terug.

Beide keren kwam ik daar zwemmers tegen, en kinderen in autobanden en piepkleine speelbootjes. De maximaal toegestane vaarsnelheid op de Nieuwe Meer is 7,5 km per uur

 

Wat de bestuurder van die speedboot afgelopen zondag deed, is te vergelijken met 120 km. per uur rijden door een woonerf met kinderen. Dat is gelukkig op geen enkel woonerf mogelijk, maar stel voor dat de paaltjes door een defect een keer verdwenen waren. Dan zou zo’n actie worden gekwalificeerd als dodelijk en misdadig.

Op het water staan geen paaltjes. Daar moet de bestuurder van zo’n boot zonder veel controle of obstakels de zelfdiscipline opbrengen om van zijn boot geen dodelijk wapen te maken.

Die speedbootbestuurder heeft een straf gekregen die niemand hem zou toewensen. Hij mag dienen als een trieste halve bevestiging van de volgende voorspelling die ik dit voorjaar deed:

 

Vorig jaar zijn er in Nederland 3 dodelijke ongelukken gebeurd met speedboten en zwemmers.

Het is verboden om in de Amsterdamse grachten te zwemmen, maar dat weet bijna niemand.

 Ik waag hier een voorspelling. Als er geen afdoende maatregelen worden genomen om agressief gedrag van speed- en powerboten in onze grachten te voorkomen, zullen er in de komende warme zomer ook in Amsterdam dodelijke ongelukken mee gebeuren.

(1 mei 2007 Terreur van speedboten

verpest Koninginnedag op het water)

 

We hebben geen warme zomer gehad, er zijn nog geen doden gevallen. Maar dat had een haar gescheeld, afgelopen zondag op de Nieuwe Meer.

 

Een speedboot op hoge snelheid is nauwelijks bestuurbaar

In ongetrainde handen wordt zo'n ding een moordwapen.

Ik heb daar een beetje ervaring mee. In het volgende journaal zal ik daarover berichten.

 

Foto's: Robby Hiel


   26 augustus 2007  
Toerist in eigen stad

Met een grote volle maan erboven en mooi weer zag de Amstel bij de Magere brug er vanavond sprookjesachtig uit. Alle lichtjes van de brug zijn weer hersteld.  Ik voelde me toerist in eigen stad toen ik er onderdoor voer.  De oude dame schittert weer in haar volle glorie. Als Amsterdam nog blut is, kan je dat aan haar in ieder geval niet meer zien. (Zie: 20 maart 2007 Amsterdam is blut)

   25 augustus 2007   

 

Uitgezonderd bestemmingsverkeer

 

Een afspraak die ik had op het terrein van milieudienstverlener Icova voerde Dolfijntje onlangs diep in het Westelijk havengebied. De Carl Reijniershaven waar Icova is gevestigd, is een insteek achterin de Jan van Riebeeckhaven, ongeveer drie kwartier varen vanaf het Centraal Station.

 

Tot vorig jaar waren de ingangen van alle grote havens in Amsterdam gemarkeerd met het bekende rood/witte bord dat betekent: "verboden in te varen" Sinds kort staat daar een bordje onder met "uitgezonderd bestemmingsverkeer"

Als gast van Icova was ik bestemmingsverkeer, dus ik passeerde met een gerust geweten het bord bij de ingang van de Jan van Riebeeckhaven.

 

Een paar uur later op de terugweg, werd ik aangehouden door een boot van de havendienst. Ik mocht daar niet varen. De Havendienstambtenaar erkende dat het nieuwe bordje misleidend is, maar schreef toch een proces-verbaal.

Volgens hem is het bord een gevolg van nieuwe Europese richtlijnen maar het invaarverbod geldt nog steeds.

 

Een kleine waarschuwing aan alle varende Amsterdammers: Om een Amsterdamse zeeschepenhaven in te mogen varen moet nog steeds ontheffing worden aangevraagd. Die nieuwe borden zouden er eigenlijk niet moeten staan. Ze lijken maar één functie te hebben: verwarring zaaien.

 21 augustus 2007    

 

Het hoofdthema van dit grachtenjournaal is functioneel gebruik van onze grootste rijkdom: het mooiste en meest efficiënte vaarwegensysteem ter wereld. Volgende week komt op deze plaats een primeurtje op dat gebied te staan. Ik mag dan aankondigen dat mijn grootste droom voor de Amsterdamse grachten in een vergevorderd stadium van vervulling verkeert.

Er rust een embargo op deze primeur, ik kan er pas over schrijven als de zaak beklonken is.

ik ben te optimistisch geweest over de timing, waarschijnlijk krijgt u het nieuws pas eind volgende week.

Hiervoor mijn verontschuldigingen, ik zal nooit meer een primeur aankondigen als ik nog niet zeker ben van de publicatiedatum.  

 

Hieronder links naar een kleine selectie van stukjes die ik over dit onderwerp geschreven heb.

 

16 april 2006      Varende seringenboom

30 maart 2007   City Cargo of City Hopper?

10 april 2007     Open brief aan onze wethouder van Binnenwaterbeheer Maarten van Poelgeest

16 mei 2007      Vervoer over water, de juiste weg. Ook in de stad

   18 augustus 2007  

Zwarte zondag op het water

 

In "De Telegraaf" van vandaag vond ik voor het eerst een artikeltje dat van belang is voor het grachtenjournaal. Op pagina AT 3 trekken de dames M&M (Marie Thérèse Roosendaal en Marjolein Schipper) van leer tegen de speedbootterroristen in de Amsterdamse grachten. Op een manier zoals alleen vrouwen dat kunnen en hopelijk effectiever dan mijn tirades in vroegere grachtenjournaals.

 

Mijn dank M&M! Jullie tekst is mij uit het hart gegrepen.  Hieronder een scan van het complete artikel.

Zie ook:  1 mei 2007  Terreur van speedboten verpest Koninginnedag op het water.

 

   7 augustus 2007   

 

We wachten af… dag 95

Bootje gelicht!

 

Mijn dagelijkse forensenvaartocht begon vanmorgen met een prettige verrassing.

De wrakkenboot van BBA is langs geweest op de Amstelkade en heeft 95 dagen na mijn melding het wrak van mijn ligplaatskraker keurig onder Dolfijntje vandaan gepeuterd en afgevoerd.

Van BBA had ik eerder vernomen dat een termijn van drie maanden noodzakelijk is voor dit soort acties.  De eigenaar moet de gelegenheid kriijgen om zijn wrak zelf af te voeren en er is wat tijd nodig voor administratieve verwerking.

 

Met dank aan BBA, in dit geval is mijn rapportage zinvol geweest. Ik zag vandaag op ‘mijn’ stukje Amstelkade een paar mensen slepen met halfgezonken bootjes. Ik vermoed dat er vanmorgen tegelijkertijd een paar nieuwe ‘wrakkenstickers’ zijn uitgedeeld.

 

Toch zit ik nog steeds met dat rare gezonken bootje.

Op 1 mei op mijn vaste ligplek afgemeerd en beveiligd met een kabel. Compleet met buitenboordmotor en inventaris.  Slordig afgedekt met een nieuw dekzeil, dat was vastgemaakt aan de boot met minstens 20 nieuwe klemmen.

Een maand later was het dekzeil gescheurd en lag het bootje scheef. Halverwege juni was hij vol geregend en gezonken. Op 27 juni was mijn melding voor de wrakkenwet. Een week later kwam een boot van BBA de wrakkensticker plaatsen en het ding is dus vandaag op 7 augustus afgevoerd.

 

Drie en een halve maand lang heeft niemand zich om dat bootje bekommerd.  Wie laat een bezit met een waarde van meer dan 1000 Euro’s zomaar aan zijn lot over? Is de eigenaar plotseling overleden? Was het bootje gestolen en durfden de dieven niet meer terug te komen?

 

Hoe komt het toch, dat Amsterdam wereldkampioen gezonken bootjes is?

De vaste ligplek van Dolfijntje na drie maanden weer bruikbaar

 

 

Links naar de rest van dit verhaal:

 

3 juli 2007 Ligplaats gekraakt, kraker gezonken

21 juli 2007 We wachten af... Dag 78

 

Ook over gezonken bootjes:

 

26 maart 2007 Gezonken bootjes.

13 april 2007 713 gezonken boten in Amsterdam in 2006

19 april 2007 De dregboot

   4 augustus 2007   

 

De Gay Parade mag natuurlijk niet ontbreken in het grachtenjournaal, al was het alleen maar om te laten zien hoe druk het weer was op de Prinsengracht.

 

bij de Eenhoornsluis

 

voor Hotel Pulitzer

 

    31 juli 2007

 

Witte meerkoet

 

Hoe ziet een meerkoet er uit? 

Zwart met een witte snavel en een witte bles (vlekje) boven de snavel. Allemaal precies hetzelfde, alsof alle meerkoeten identieke tweelingen zijn.

Behalve die ene in de Amstel.

Met dank aan kapitein Riekelt van Canalbus kon ik vandaag een paar vrij unieke foto's maken van een witte koet.  Met zwarte vlekjes, maar toch een duidelijk gebleekt exemplaar. Waarschijnlijk de enige in Amsterdam. Op mijn rondes door de grachten zie ik er dagelijks honderden, maar die zijn allemaal zwart. Riekelt had die witte koet vandaag zien zwemmen in de Amstel bij de woonboot "Victor IV" naast de Blauwbrug.

 

Pas tegen de avond had ik  tijd om op zoek te gaan, maar het kostte weinig moeite. Een witte meerkoet in een Amsterdamse gracht is zoiets als een blanke in de binnenlanden van Afrika.  Anders dan alle andere koeten zwom hij of zij een beetje eenzaam rond achter de "Berendina"  aan de Amstel. Precies op de plek die Riekelt had aangegeven.

 

Er zijn er meer. Op het internet vond ik een mooie foto van Pieter van den Hooven van een hagelwitte meerkoet in de buurt van Zwolle. Van Pieter heb ik geleerd dat je aan de breedte van de bles kan zien of het een mannetje of een wijfje is. Ook nog een nieuw woord geleerd: mijn meerkoet is leucistisch.  Populair gezegd is dat een albino met donkere ogen.

 

Het is nog een jonkie. Volgens de biologen gaat hij of zij een moeilijk leven tegemoet. Meerkoeten zijn minstens even racistisch als mensen.

 

Naschrift 1 augustus

 

Vandaag voer ik driemaal door de Nieuwe Herengracht tijdens mijn rondvaarten. Iedere keer was de witte koet present, op hetzelfde hoekje bij de Amstel. Hij blijkt een forse brede bles te hebben op zijn halfzwarte kop. Als ik mijn ornithologieles op het internet goed heb geleerd is hij dus een leucistische man. Al mijn passagiers hebben foto's van hem gemaakt.

 

Op één punt hebben de ornithologen op het internet ongelijk. Witkoet heeft een zwarte vriendin, zoals de laatste foto laat zien. Vandaag waren die twee in ieder geval onafscheidelijk.

 

 

 

 

 

Een witte meerkoet in de Amstel

 

Bij de woonboot "Victor IV" naast de Blauwbrug

 

integratie op het water

 

    25 juli 2007

 

   Varen naar het Leidseplein (2)

 

Eerst een rectificatie: het voorstel om de Lijnbaansgracht weer open te graven tot aan het Leidseplen is een project van de Stichting Heijmeijer van Heemstede.  Walther Schoonenberg van de Vereniging van Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad stuurde mij de documentatie, vandaar mijn misvatting.

 

In minstens acht Nederlanse steden zijn op dit moment projecten gaande om oude gedempte grachten weer open te graven.

In Utrecht, Weesp, Sassenheim, Arnhem, Den Bosch,Drachten, Sneek en Leeuwarden worden historische vaarwegen hersteld en zelfs Rijkswaterstaat heeft een aantal projecten om historische vaarwegen te restaureren.

 

Ondanks al het water dat we nog hebben, is Amsterdam koploper gedempte grachtenstad van Nederland.

Bij de talloze mislukte pogingen om de binnenstad geschikt te maken voor autoverkeer zijn, voornamelijk in de vorige eeuw, 37 historische grachten gedempt.

Dat streven vond zijn keerpunt in 1955. De toenmalige politiecommissaris Kaasjager lanceerde in dat jaar een plan om alle Amsterdamse grachten te dempen om er verkeersaders van te maken. Zijn voorstel werd weggehoond door gemeente en burgerij, Kaasjager droop af naar Groningen. Daarna zijn in Amsterdam geen grachten meer gedempt. 

 

Intussen staan onze grachten op de wereld-erfgoedlijst en is ‘autoluw’ al jarenlang de mantra van Stadsdeel Centrum. Maar neuzen van geparkeerde auto’s domineren hier nog steeds het zicht vanaf het water en alle voorstellen om oude grachten open te graven zijn gestrand.

 

Onder het Kleine Gartmanplantsoen loopt de Lijnbaansgracht door tot aan het Leidseplein. Als de afsluitbalk weg was, zou je er met een kano onderdoor kunnen varen.  “Dak er af en je hebt er een gracht bij,”  zou je denken, maar volgens Els Iping van Stadsdeel Centrum  zijn de ondergrondse kademuren in slechte staat. Ze heeft het voorstel laten doorrekenen en vindt de uitkomst  ‘astronomisch’: het project zou vijf miljoen kosten.

 

De slechte staat van die ondergrondse kademuren waag ik in twijfel te trekken. Wie met een bootje bij die balk gaat liggen en met een handspotlight naar binnen schijnt, ziet muren die er beter aan toe zijn dan de meeste open kades aan de Prinsengracht. Geen scheurtje te bekennen.

 

En dan:  astronomisch?  Op een budget van 36 miljoen Euro voor het volledige “Herinrichtingsproject Leidseplein” is vijf miljoen toch een schijntje?

 

De Stichting  Heijmeijer van Heemstede heeft een gewijzigd voorstel ingediend, waarbij de gracht voor de City bioscoop wat smaller wordt en iets meer naar de terrassen wordt verschoven, zodat de trambaan kan blijven liggen. De oude kademuren zouden bij dit voorstel toch vervangen moeten worden. Als het plan daarmee een grotere kans maakt, steun ik het van harte. 

 

Een filmpje van "Typisch NL" TV over het opengraven van de Singels in Utrecht laat zien dat er op alle fronten veel te winnen valt met meer water in de stad.

 

Deze zin uit het begeleidende artikel zou op zijn minst alle huiseigenaren langs gedempte Amsterdamse grachten moeten prikkelen:

 

"Sinds de opening van de gracht is de prijs van

de omringende woningen flink gestegen."

 

Het gewijzigde voorstel van de Stichting  Heijmeijer van Heemstede

 

Een filmpje van "Typisch NL" over het opengraven van de singels in Utrecht

21 juli 2007

 

 

We wachten af…    dag 72

 

Op Google-earth zie je Amsterdam van een jaar geleden. Onze nieuwe bibliotheek staat er nog op als een diepe bouwput. Dus ik kan  op die satellietfoto natellen  dat op ‘mijn’ stukje Amstelkade tussen de bruggen van de Rijnstraat en de Waalstraat een jaar geleden 38 bootjes afgemeerd lagen, waarvan 4 gezonken.

 

Op dit moment liggen er 66 bootjes in dat stuk water. Daarvan zijn er nu 8 gezonken, de  meesten al meer dan drie maanden.

De wrakkenboot van BBA is op 19 april van dit jaar voor het laatst op de Amstelkade langs geweest om gezonken bootjes te ruimen.  Op 27 juni heb ik het wrak dat al sinds begin mei de vaste ligplaats van Dolfijntje blokkeerde, aangemeld bij BBA.

(Zie: 3 juli 2007 ,Ligplaats gekraakt, kraker gezonken)

Op 4 juli maakte een passerende BBA boot op mijn verzoek foto’s van het wrak en plaatste een ‘wrakkensticker’. De 7 andere gezonken bootjes in hetzelfde stuk Amstelkanaal werden ongemoeid gelaten, daar zit tot vandaag nog geen sticker op.

 

Marcel Koopal stuurt me de volgende ontboezeming over hetzelfde onderwerp:

 

Verder wil ik nog even kwijt dat BBA veel zeurt als je even ergens aan een hekje ligt afgemeerd om een boodschapje te doen, maar niets of weinig onderneemt tegen al die gezonken bootjes in Amsterdam. Vaak zitten daar ook nog benzinetankjes in die ook onder water liggen. En maar zeuren over millieubewust. Ik heb vaak emails gestuurd naar BBA over lokaties waar al maanden bootjes gezonken liggen, maar men reageert niet eens! Moeten wij varende Amsterdammers jaarlijks betalen voor een sticker aan mensen die hun werk niet eens doen? Ik denk dat iedere Amsterdammer het volgend jaar maar eens heel solidair niet meer moeten gaan betalen. Als ik namelijk bij mijn baas mijn werk niet goed doe, vlieg ik ook de laan uit en krijg ik ook niet betaald!

 

Groetjes Marcel

 

 

Ik weet dat BBA gebonden is aan regels en beperkingen bij de uitvoering van de wrakkenwet.

Maar volgens de nieuwe milieuwetten zouden boten  waarvan de motor en benzinetank onder water ligt onmiddellijk gelicht moeten worden. Ik begrijp ook niet waarom dat niet gebeurt.

 

Op 4 juli maakt BBA foto's van het wrak

 

De 'Wrakkensticker' wordt geplaatst

7 juli 2007 

 

  Driemaster, zeilend achter CS.

 

Met alle audiovisuele mogelijkheden van het internet is het verleidelijk om af en toe een videojournaaltje in te voegen.

 

Op 5 juli, op mijn dagelijkse rondvaart zagen we op het IJ een grote driemaster onder zeil langs het Centraal Station varen.

Met  maar een paar sterk gereefde zeilen bij, ging hij in een stevige westenwind zo hard dat mijn rondvaartboot hem niet kon bijhouden. Het was de Stedemaeght, een luxe charterschip uit Kampen, dat normaal 18 zeilen kan voeren.

 

Een lust voor het oog, waar ik een korte video van kon maken.

De videobijdragen in dit journaal zullen met een     worden aangemerkt. Op den duur komt er een apart video-archief, ook met bijdragen van collega's.

 

3 juli 2007

 

Ligplaats gekraakt, kraker gezonken

 

Op 1 mei, na de drukte van Koninginnedag, kon ik niet meer naar huis met mijn bootje. Mijn ligplek was gekraakt. Een slordig afgedekte ijzeren vlet lag aan mijn landvasten tegen mijn fenders, verankerd met een staalkabel aan mijn afmeerring.

 

Onder de huidige regels heb ik geen enkel wettelijk recht op die plek. Respect voor elkaars ligplaats is een ongeschreven wetje onder varende Amsterdammers, maar niet iedere booteigenaar is zo beschaafd om zich daaraan te houden.

 

‘Dolfijntje’ is mijn enige vervoermiddel. Een andere afmeerplek in de buurt was er niet. Die kraker was een probleem. Dolfijntje moest naar de andere kant van de stad voor een veilige plek en ik moest met het openbaar vervoer naar mijn werk.

 

Mei was een maand met veel wind en regen. De eigenaar van de vlet was spoorloos. Na een week was het dekzeil  gescheurd. Een paar forse regenbuien later lag de boot scheef. Nog een week later was het achterschip met buitenboordmotor onder water verdwenen.

 

Wat mij betreft was het probleem daarmee opgelost. De vlet was bijna helemaal onder water verdwenen en hing alleen nog aan die staalkabel. Zo diep dat ik Dolfijntje er nu veilig bovenop kan parkeren.

 

Ik heb er een testcase van gemaakt voor het grachtenjournaal.

Die vlet ligt nu al vijf weken onder water, met motor en al. (Zijn daar geen milieuregels voor?)

Hij is op 27 juni aangemeld als wrak bij BBA.

Op 4 juli kwam de BBA boot langs om de “Toepassing Wrakkenwet” sticker te plaatsen.

 

 

 

In navolging van AT5: We wachten af...

 

2 juni: dekzeil gescheurd, boot ligt scheef

 

15 juni: gezonken, hangend aan een staalkabel.

 

 

28 juni 2007

 

Verboden aan te meren bij HANOS

  

Mijn rondvaartboot heeft een bar aan boord. Die bar werd wekelijks met een auto bevoorraad. Op de drukke Prinsengracht was dat een keuze tussen twee onprettige mogelijkheden. Je begon met rondjes rijden om een parkeerplaats in de buurt van de boot te vinden en als dat niet lukte kon je het getoeter en gescheld uit de file achter de auto negeren en de straat blokkeren om de kratten met drank te lossen.

 

Rondsurfend langs Amsterdams vaarwater op Google Earth, ontdekte ik een maand geleden toevallig dat de grootste horecagroothandel in Nederland vlakbij een grote Amsterdamse haven ligt. Horecagigant Hanos is gevestigd aan de Spaklerweg. Honderd meter van de ingang, aan de overkant van de Spaklerweg is de Amstelhaven II met een lange openbare loswal.

 

Sindsdien varen we eenmaal per week naar Hanos. De drankjes kunnen nu rechtstreeks vanaf de leverancier aan boord geladen worden. Dat scheelt in ieder geval één keer kratjes sjouwen van de auto naar de boot. En dát scheelt een wekelijkse portie stress en frustratie op de Prinsengracht.

 

Vorige week lag er een andere rondvaartboot op mijn laadplek aan de Amstelhaven II. De schipper vertelde mij dat hij nog een paar collega´s kende, die regelmatig bij Hanos komen provianderen. Dat leek me een aardig onderwerp voor een stukje in dit journaal, dus nam ik vandaag een camera mee op mijn bevoorradingsronde. 

 

Die loswal bij Hanos ligt aan een openbare weg in een openbare haven waar ik behalve die ene rondvaartboot nog nooit een andere boot heb zien liggen. Langs die lege loswal staan nu grote borden met "Verboden aan te meren" er op. Ik heb mijn boot pal achter zo´n bord afgemeerd om er een foto van te maken en om boodschappen te gaan doen bij Hanos.

 

Kan iemand mij alsjeblieft uitleggen waarom die malle borden langs die lege kade staan?

Zolang ze niet worden weggehaald, zal ik iedere week een paar uurtjes in overtreding zijn. Ik hoop dat ik niet de enige ben.

 

 

Hanos is onder de rode stip. De vaarweg er

naartoe vanaf de Amstel is duidelijk zichtbaar.

Verboden aan te meren

 

Hanos op Google (binnen de rode lijnen.) Amstelhaven II heb ik blauw gemaakt

21 juni 2007  

Na een onderbreking van bijna een maand kan het grachtenjournaal vandaag weer verschijnen. Vanuit een provisorisch kantoortje waar de ADSL verbinding wordt verzorgd door xs4all.nl. De hoop dat de verbinding via FIBERWORLD ooit zal worden hersteld hebben we opgegeven. 

De dagelijkse telefoontjes naar dat bedrijf leverden alleen ontkenningen en leugens op.

 

 

   Rondvaart met watersportland.nl

 

Al sinds het eerste stukje in dit journaal (Varende seringenboom, 16 april 2006,) was ik van plan om een keer met een videocamera langs de achterkant van onze 'drijvende' bloemenmarkt aan het Singel te varen om te laten zien hoe monsterlijk lelijk dat stukje middeleeuwse gracht is geworden. Een paar weken geleden werd ik op mijn wenken bediend: een cameraploeg van 'Watersportland' kwam aan boord van mijn rondvaarboot om een tochtje door de grachten te filmen. Het resultaat is deze week op het internet verschenen. Klik op de plaatjes hiernaast voor links naar die video. 

 

Het eerste deel bevat fragmenten van een rondvaart door de stad. Een stukje over de geschiedenis van de rondvaart en over de geschiedenis van ´De Tourist´,  de rondvaartboot waarop ik mijn brood verdien. 

 

 

Deel 2 van die video begint bij de bloemenmarkt aan het Singel, gezien vanaf het water. 

Iedere gemeentebestuurder die iets met onze grachten te maken heeft, zou dat filmpje moeten zien. 

Dankjewel Watersportland! Jullie hebben mijn symbool van de verloedering van ons werelderfgoed monsterlijk mooi in beeld gebracht. 

 

Eerdere artikelen in het grachtenjournaal over de bloemenmarkt aan het Singel: 

 

Varende seringenboom, 16 april 2006

De Bloemenmarkt aan het Singel 8 april 2007

Mijn Paleis voor Volksvlijt 18 april 2007

Rectificatie bloemenmarkt aan het Singel 20 april 2007 

 

De bron van de video:  www.watersportland.nl 

 

 

 

AT5  'Kort Amsterdams'

 

Nog wat meer video: op 30 mei was op de AT5 rubriek 'Kort Amsterdams' een filmpje over het grachtenjournaal. 

Klik op het plaatje hiernaast voor de link naar dat fragment. 

 

De bron van deze video vindt u hier: AT5 Kort Amsterdams

 

 

Grachtenrondvaart deel 1

 

Deel 2, de bloemenmarkt aan het Singel

 

AT5  Kort Amsterdams 30-05-07

 

11 juni 2007  

 

FIBERWORLD

 

Met excuses aan mijn trouwe lezers, deze aflevering van het grachtenjournaal gaat niet over bootjes.

In de afgelopen twee weken werd het journaal hardhandig geconfronteerd met haar beperkingen.

Op het internet kun je theoretisch zowat een half miljard mensen bereiken. Toegang tot dat internet krijg je via een provider. Zolang die doet wat hij belooft, zijn de mogelijkheden grenzeloos.

        

Onze internetprovider heet FIBERWORLD, gevestigd in Heerenveen.

FIBERWORLD doet niet wat het belooft. Internetverbinding via hun server is uiterst onbetrouwbaar, klagende klanten worden opgelicht met dure ‘defecte’ telefooncarrousels, medewerkers liegen en het bedrijf is vrijwel onbereikbaar. Hieronder een kleine selectie uit onze ervaringen van de laatste weken met deze oplichtersbende:

 

Drie dagen geen internetverbinding. Driemaal een uur a 0.70 per minuut geluisterd naar slechte muziek in de telefooncarrousel van FIBERWORLD’s helpdesk. Na dik 100 verspilde euro’s in de wachtrij blijkt de carrousel defect, alleen de lijn naar de verkoopafdeling leidt naar een levende stem die bits antwoordt dat ik bij de helpdesk moet zijn. Mijn dreigement met en journalistieke bom onder FIBERWORLD als hij niet luistert helpt een beetje, deze verkoopmedewerker zal het uitzoeken. Na nog tien minuten muziek op de telefoonlijn komt hij terug om te melden dat het aan de bekabeling van mijn netwerk moet liggen. “De ADSL verbinding is doorgemeten en die werkt goed” zegt hij.  “Als ik een monteur stuur en de fout ligt bij u, dan gaat het u een hoop geld kosten” voegt hij daar dreigend aan toe.

 

Kabels laten testen, kabels vervangen, niets helpt. Een week later is er nog steeds geen internetverbinding. “FIBERWORLD liegt, je netwerk is prima,” adviseert een bevriende expert. “Verhuis je site zo snel mogelijk naar een fatsoenlijke provider, want dit is bagger.”

Die verhuizing is aangevraagd, maar het grachtenjournaal is nog minstens vier weken afhankelijk van

de slechtste internetprovider van Nederland:

 

FIBERWORLD

28 mei 2007

 

Varen naar het Leidseplein 

 

Door een storing bij onze provider was het Grachtenjournaal noodgedwongen een week off-line. Hoog tijd om een belofte in te lossen om te schrijven over een prachtig plan van de Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad om de Lijnbaansgracht weer uit te graven tot aan het Leidseplein. 

 

Er zijn heel wat plannen geopperd voor de komende herinrichting van het Leidseplein. Dit is waarschijnlijk het goedkoopste, want die gracht loopt nog steeds onder het Kleine Gartmanplantsoen door tot aan de Stadsschouwburg. Bij wegwerkzaamheden in 1978 was dat stukje Amsterdams water voor de laatste keer zichtbaar. 

 

Een havenkommetje aan het Leidseplein met terrassen rondom en afmeergelegenheid voor terrasbezoekers en rondvaartboten.

Een dood stuk Lijnbaansgracht zou tot leven worden gewekt en daarmee de andere vaarwegen in de stad een beetje ontlasten.

 

Een belofte van Stadsdeel Centrum om al in de vorige regeerperiode tenminste één gedempte gracht weer open te graven, zou worden ingelost. De Horeca rondom het plein zal blij zijn met de extra klandizie en terrasruimte. Voor varende Amsterdammers is ieder nieuw (en bereikbaar) terras aan het water een verrijking. Het plein zelf zou zich een beetje kunnen ontworstelen aan de fastfoodcultuur en wat meer allure en niveau bieden. En tenslotte zou het er allemaal zo veel mooier en Amsterdamser uitzien, dat alleen daarom al de Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad alle steun en aandacht verdient voor haar voorstel. 

 

.

Tot in de vorige eeuw liep de Lijnbaansgracht door tot aan de Stadsschouwburg

Bij graafwerk in 1978 was daarvan een stukje te zien

21 mei 2007

 

Is dit een Groenlinkse wethouder? 

 

In het grachtenjournaal van 16 mei heb ik zonder commentaar een scan gepubliceerd van het antwoord dat ik een maand geleden van wethouder Maarten Van Poelgeest van waterbeheer

ontving op de open brief aan hem die sinds 10 april op dit grachtenjournaal staat.

 

Dat antwoord is zo verpletterend ambtelijk correct, dat ik er al een maand lang geen raad mee weet.

Intussen heb ik geleerd dat de belangstelling van onze wethouder voornamelijk uitgaat naar een 'slagvaardig' (machtig) stadsgewest en naar de megabouwprojecten die zo'n gewestelijk bestuur kan doordrammen.

Terwijl een kwart van alle kantoorruimte in de stad leegstaat, werpt deze groenlinkse wethouder zich op een achterhaald, miljardenverslindend Zuidas project dat alleen maar nog meer overbodige kantoren zal opleveren. Zijn nieuwste wapenfeit getuigt van dezelfde grootheidswaan. Ondanks heftige protesten van bijna alle betrokkenen wil hij woontorens van 150 meter hoogte bouwen bij de Arena. We hebben het schandaal met de parkeergarage aan het Bos en Lommerplein nog maar net achter de rug. In Maastricht en Haarlem vielen vorig jaar balkons spontaan van woningen af. Bij een beetje harde wind vliegen tegenwoordig overal in Nederland de gevelplaten van grote nieuwe gebouwen door de lucht.  De bouwwereld in Nederland staat nog steeds bol van fraude, handjeklap en gebrek aan kwaliteitscontrole. Alleen daarom al wordt zo'n woontoren een levensgevaarlijk onding. 

 

Op google is bijna alles te vinden wat de wethouder in de laatste jaren in het openbaar heeft gezegd. Beheer van ons binnenwater is een deel van zijn portefeulle waar hij blijkbaar weinig affiniteit mee heeft. Hij heeft er nog nooit een woord aan gewijd. Vanuit dat perspectief is zijn antwoord op mijn open brief echt nieuws, al staat er bijna niets nieuws in. Zijn opmerking dat "de gemeente wel degelijk de intentie heeft om het kleinschalig goederenvervoer via het water te stimuleren"  is zelfs een primeurtje. Op google is over die intentie in ieder geval niets te vinden.

 

Eén ding is zeker: de vijftienduizend bootjesmensen in Amsterdam zullen van hun nieuwe groenlinkse wethouder

Binnenwaterbeheer weinig méér kunnen verwachten dan een strengere handhaving van de regels die de huidige chaos hebben veroorzaakt. Misschien moeten we een Grachtenpartij oprichten. Alle varende Amsterdammers samen zouden bij de volgende verkiezingen zonder veel moeite een paar vertegenwoordigers in de raad kunnen krijgen om hun belangen te behartigen. Misschien ligt dan zelfs een eigen varende wethouder Waterbeheer in het verschiet.

Amsterdamse bootjesmensen hebben van deze 

wethouder Binnenwaterbeheer weinig goeds te verwachten. 

16 mei 2007

 

Vervoer over water, de juiste weg.

Ook in de stad

 

De oorspronkelijke functie van onze grachten als superefficiënt medium voor goederenvervoer werd al meer dan honderd jaar geleden overgenomen door het wegtransport. 

Vrachtauto's waren veel sneller dan boten en konden op veel meer plaatsen komen. Eigenlijk zat al dat water in Amsterdam alleen maar in de weg. Politiecommissaris Kaasjager wilde in 1955 zelfs alle grachten dempen om er Parijse Avenues van te maken. Zijn plan werd weggehoond en hij ook, maar sindsdien is Amsterdam een van de moeilijkste steden voor auto's ter wereld geworden. Nog steeds is een kwart van het stadsoppervlak water en moeten alle auto's samen het doen met een schamele 10 procent.

Dat dreigt nu helemaal uit de hand te lopen. Een interne nota van het ministerie van VROM heeft een beetje paniek gezaaid in onze media.  Volgens die nota raakt de Nederlandse economie in de komende decennia volledig ontwricht door de voortdurend toenemende fileproblemen

 

"Verkeersinfarct dreigt", "Autoverkeer wordt drama", "Honderden kilometers file per dag", "Randstad slibt dicht."

 

.Krantenkoppen in de Telegraaf, Het Parool en de Volkskrant van de laatste dagen. De bijbehorende artikelen zijn allemaal pessimistisch over oplossingen van de congestieproblemen.

Zelfs van rekeningrijden, het laatste troetelkindje van de overheid, wordt slechts marginaal resultaat verwacht. 

 

De Amsterdamse binnenstad is voor goederenvervoer nu al vrijwel onbereikbaar geworden. Met alle files op de ringwegen hebben vrachtauto's uren nodig om de stad te bereiken. Binnen de grachtengordel mogen ze onder strenge beperkingen alleen tussen 9 en 11 uur ''s morgens laden en lossen. Als ze door de files na 'spertijd' in de stad komen, kost dat een volle dag verlies. Alle voordelen van wegvervoer boven watertransport zijn daarmee achterhaald en een paar nadelen krijgen steeds meer gewicht: veel hoger brandstofgebruik en meer milieuvervuiling per ton vervoerd gewicht. 

De gemeente staat welwillend tegenover initiatieven uit het bedrijfsleven voor goederentransport over water. Dat blijkt uit het antwoord dat wethouder Maarten van Poelgeest schreef op mijn open brief aan hem over dat onderwerp. 

Maar initiatieven moeten vanuit het bedrijfsleven komen. 

Aan de ontwikkeling van een paar initiatieven op dat gebied wordt op dit moment gewerkt en de signalen zijn hoopvol. 

Ik zal daarover spoedig nader berichten. 

 

 

Goederentransport in de file...

 

of ruim baan op de grachten?

10 mei 2007

 

Nog een laatste meerkoetennest.

 

Na de dodenherdenking op 4 mei ligt het Homomonument aan de Westermarkt vol bloemen.

Honderd meter verderop, bij de Leliegracht, is een meerkoetenpaartje druk bezig met het bouwen van een kleurig nest, met bloemen als bouwmateriaal. De rode stip op de bovenste foto toont de locatie van het nest.  Tulpen, narcissen en lelies, stuk voor stuk gejat van het monument, zijn in elkaar gevlochten tot een nieuw kransje dat niet bestemd is voor rouw maar voor nieuw leven. Straks komen de koetenkuikens op dat kransje uit hun ei.  

 

Dit is mijn laatste stukje over meerkoetennesten voor dit jaar. Ik heb er tientallen gefotografeerd, een selectie van die foto’s zal spoedig verschijnen als bijlage van dit journaal. 

6 mei 2007

 
Meerkoetennest steviger dan speedboot

Rondvaartkapitein/botenfotograaf Wil Morcus heeft me zijn reservecamera geleend, dus nu meteen maar een foto die ik al lang had willen maken.

Het speedbootje op die foto ligt al maandenlang halfgezonken in de Prinsengracht, uit elkaar gerukt door hekgolven van scheurende collega's.

Onder de ketting waar het wrak mee aan de wal hangt, heeft een meerkoet een nest gebouwd. Dat nest blijkt steviger te zijn dan het bootje zelf.

Het heeft de afgelopen Koninginnedag doorstaan en er zelfs van geprofiteerd. Voor het feest lagen de eitjes nog bijna op de waterlijn.

Met zo veel extra afval in de gracht kon dit koetenpaar een torentje bouwen. Ze zit nu hoog en droog te broeden.

 

Voor het nest bij Hotel Pulitzer waar ik eerder over schreef (24 maart 2007), heeft het ingevlochten fendertje niet geholpen tegen het geweld van onze varende feestvierders. Weggespoeld en vertrapt, net als een tiental andere nesten op mijn dagelijkse route door de grachten.

Meerkoeten zijn beschermde vogels. Om hun nesten moeten zelfs bouwprojecten worden uitgesteld totdat het broedsel levensvatbaar is.

Maar op Koninginnedag zijn ze vogelvrij.

3 mei 2007

 

Rondvaartschippers

zijn de ogen en de oren van onze grachten

 

Van Gijs de Jong ontving ik vanmorgen een mail vol goede suggesties en tips die ik later zal behandelen in dit journaal.

Eén opmerking in zijn mail zit me dwars.

Daar wil ik eerst over schrijven:

 

“De rondvaartboten gedragen zich regelmatig zeer asociaal.

Wat meer ordening zou een goede zaak zijn.”

 

Ik werk zelf al 6 jaar als rondvaartschipper in Amsterdam en ik ken bijna al mijn collega's. Er zijn  uitzonderingen, maar voor de overgrote meerderheid van de beroepsschippers in Amsterdam heeft de veiligheid op het water voorrang boven alles. Omdat we allemaal via kanaal 10 op de marifoon met elkaar communiceren zijn wij de ogen en de oren van de grachten.

Als BBA en Waterpolitie beter zouden uitluisteren op dat kanaal, zouden ze van minuut tot minuut weten wat er in Amsterdam op het water gebeurt.

 

De beroepsvaart heeft voorrang boven al het overige vaarverkeer. De pleziervaart beseft vaak niet waarom dat nodig is, ook buiten Amsterdam. Als voormalig vrachtschipper weet ik uit ervaring dat de meeste binnenvaartschippers veel arroganter omgaan met hun rechten dan de rondvaartkapiteins in Amsterdam.

Bovendien: als collega's in de stad asociaal vaargedrag vertonen, wordt dat doorgaans via kanaal 10 publiekelijk bestraft.

 

De meeste rondvaartschippers zouden BBA en Waterpolitie graag assisteren bij hun taken, als die diensten beter bereikbaar zouden zijn. Met marifoons en mobiele telefoons zou dat secondenwerk moeten zijn. Mijn ervaringen op dit gebied zijn tot nu toe echter bedroevend. Als ik tijdens mijn werk op kanaal 10 het BBA oproep, krijg ik zelden antwoord. Telefoonnumers van de bemanningen op de patrouilleboten zijn geheim, die krijg ik niet van BBA. Ik word verwezen naar het meldpunt overlast te water. Die telefoonlijn is vrijwel voortdurend overbelast.

Om als rondvaartschipper onderweg een calamiteit te melden, moet ik eigenlijk mijn boot vol passagiers stilleggen om rustig te kunnen uitzoeken hoe ik tot de bevoegde autoriteiten kan doordringen. Voor de meeste schippers is dat onmogelijk dus ze doen een melding op kanaal 10 en varen verder. Dan weten de collega's tenminste wat er aan de hand is.

Als experiment heb ik een keer drie dagen lang tweemaal per dag het BBA opgeroepen om te melden dat de doorvaart midden onder een brug werd belemmerd door een boot die daar aan één touw was vastgemaakt. Pas na de derde dag was de boot weg. Antwoord op mijn 6 oproepen aan BBA  heb ik nooit gekregen, misschien heeft iemand anders dat bootje daar weggehaald.

 

Ons grachtenwater wordt steeds schoner, de verleiding om er op warme dagen in te springen wordt steeds groter.

Op Koninginnedag heb ik een paar voorproefjes gezien van wat ons in een komende warme zomer te wachten kan staan. Zwemmende mensen en scheurende speedboten in overvolle grachten. Vorig jaar zijn er in Nederland 3 dodelijke ongelukken gebeurd met speedboten en zwemmers. Het is verboden om in de Amsterdamse grachten te zwemmen, maar dat weet bijna niemand.

 

 Ik waag hier een voorspelling. Als er geen afdoende maatregelen worden genomen om agressief gedrag van speed- en powerboten in onze grachten te voorkomen, zullen er in de komende warme zomer ook in Amsterdam dodelijke ongelukken mee gebeuren.

 

Onze Gemeente zou één ambtenaar kunnen aanstellen die permanent uitluistert op kanaal 10 en meldingen van calamiteiten doorgeeft aan de bevoegde instanties.

Met die ene ambtenaar en met een beetje overleg tussen de rondvaartbedrijven en de overheid, zou de veiligheid op de vaarwegen in de stad sterk verbeterd kunnen worden.

Een aparte ambtenaar is misschien te duur maar ik denk ook dat er makkelijk vrijwilligers te vinden zijn om dat werk te doen. Langs onze hele kust zijn vrijwillige reddsdingsbrigades actief. Een grachtenbrigade onder de hoede van het BBA zou hier een mooie en soms levensreddende taak kunnen krijgen om het communicatiegat te vullen tussen varende Amsterdammers en de bevoegde instanties.

Op dit moment hebben in Amsterdam Gemeentepolitie, RP te water en BBA taken op het water. Een behulpzame official van de RP had vorige week een half uur nodig om me uit te leggen wie waar verantwoordelijk voor is. Ik had de indruk dat hij het zelf ook niet allemaal wist.

 

Wat meer ordening zou hier een goede zaak zijn

 

 

 

Mijn camera ligt nog

op de bodem van het Singel.

(zie: 1 mei 2007 "Terreur van speedboten verpest Koninginnedag op het water")

 

Tot zaterdag zal het Grachtenjournaal

zonder illustraties moeten verschijnen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Mijn camera ligt nog

op de bodem van het Singel.

(zie: 1 mei 2007 "Terreur van speedboten verpest Koninginnedag op het water")

 

Tot zaterdag zal het Grachtenjournaal

zonder illustraties moeten verschijnen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Mijn camera ligt nog

op de bodem van het Singel.

(zie: 1 mei 2007 "Terreur van speedboten verpest Koninginnedag op het water")

 

Tot zaterdag zal het Grachtenjournaal

zonder illustraties moeten verschijnen.

1 mei 2007

 

 Terrreur van speedboten verpest Koninginnedag op het water

 

Na een lange, vermoeiende maar fantastische Koninginnedag  lag ik te rusten in de roef van ons bootje.

Plotseling hoorde ik een paar harde knallen en voelde hoe een enorme golf het bootje optilde en weer neerkwakte. Daarna lag ik tussen alle omgevallen dozen met handel naast mijn kooi op de vloer. Door het roefdeurtje zag ik een speedboot op volle snelheid wegscheuren richting Koningsplein. Voor de brug was een file op het water, dus daar moest hij stoppen. Ik greep mijn camera en rende al fotograferend naar die brug tot hij er onderdoor ging. Aan de andere kant van de brug zat hij in een file vlak bij de wal, zodat ik close-up foto’s kon maken van het registratienummer. Daarop sprong een kleerkast van die boot op de kade, sloeg en schopte mij tegen de grond, rukte mijn camera uit mijn hand en gooide die in de gracht.

Ik wist niet dat mijn Liefya met de camera van haar mobiel in de aanslag achter mijn aan was komen rennen. Toen ze zag dat haar vriendje werd mishandeld werd ze furieus en gaf mijn aanvaller een ferme schop in zijn kruis. Dat is mijn redding geweest, als hij zijn gang had kunnen gaan zou ik nu in het ziekenhuis liggen. Ik ben 63 jaar oud, en hij was zo'n doorgetrainde vechtmachine van een jaar of dertig. Maar nu was hij binnen een paar seconden terug op zijn boot en scheurden ze weg.  

 

Ik denk dat het niet erg slim is om op een dag als Koninginnedag een misdrijf te plegen vanuit een geregistreerde speedboot.

De politie was vlakbij en erg hulpvaardig. Getuigen hadden het registratienummer van de boot al doorgegeven en een omstander blijkt het hele incident zelfs te hebben gefilmd en de opnamen ter beschikking van de politie gesteld. De foto’s die Liefya met haar mobiel maakte, staan hiernaast afgebeeld.

 

Er lag een lange rij kleine bootjes met veel kinderen erop langs het Singel. De stoere stunt van die speedboot had makkelijk ernstige ongelukken kunnen veroorzaken en heeft al die kinderen in ieder geval een doodsschrik bezorgd. Bij onze buren vlogen de pizza’s door de kuip en verderop hoorde ik glaswerk breken.

Naar de knallen te oordelen moeten veel bootjes om ons heen schade hebben opgelopen en ook daar zullen de inventarissen door de boten geslingerd zijn.

 

Tijdens mijn wandelingen langs de grachten vandaag heb ik te veel van dit soort incidenten gezien en ook een aantal gefotografeerd als illustratie van een artikel over te hard varen dat ik ironisch genoeg had klaarliggen om vandaag te publiceren

 

Na deze ervaring denk ik dat de Gemeente misschien een grachtenverbod zou moeten opleggen voor gevaarlijk vaargedrag van speedboten.  Eigenlijk zouden ze helemaal uit de binnenstad moeten worden geweerd. Er scheuren langs de grachten toch ook geen raceauto’s rond?

 

Onderstaande tekst schreef ik een paar dagen geleden:

 

7,5 Km.

 

Wie met een auto te hard rijdt, maakt pas schade als hij ergens tegenaan botst. Die opmerking lijkt op het intrappen van een deur die wagenwijd openstaat.

 

Maar:

Veel mensen varen door de Amsterdamse grachten alsof ze autorijden. En als je met een boot te hard vaart, dan maak je schade aan alles wat je onderweg tegenkomt.

 

Niet zo lang geleden zag ik een grote speedboot op volle snelheid door het Amstelkanaal scheuren terwijl ik daar met een kleine reparatie aan mijn bootje bezig was. Ik staakte haastig mijn klus en zocht dekking op de wal om zijn hekgolf te ontwijken.

Even klonk het alsof er oorlog was uitgebroken en toen waren twee van de drie (stevige) meertouwen van mijn bootje geknapt. In het stuk gracht dat ik kon zien was met nog minstens zes andere boten hetzelfde gebeurd. In de roef van mijn bootje lag de inhoud van alle kastjes als een brij op de vloer. Mijn reparatieklus was vernield, ik kon weer opnieuw beginnen.

 

Die boot is waarschijnlijk met dezelfde snelheid van de Nieuwemeersluis naar de Amstel gevaren. Als ik uitga van wat hij op mijn bootje heeft aangericht, dan moet hij langs die route voor tienduizenden Euro’s aan schade hebben veroorzaakt. .

 

Sinds dat incident heb ik altijd een kleine filmcamera aan boord. Als ik nog eens een aso tegenkom die zoiets flikt, dan komt ie op Youtube en een copie van het filmpje gaat naar BBA. Dan weten alle slachtoffers tenminste waar ze hun schade kunnen verhalen.

 

Het was de bedoeling dat op deze plek

een fotoreporage zou verschijnen van onze geslaagde

drijvende vrijmarkt aan het Singel achter de bloemenmarkt.

 

Helaas is mijn camera gesneuveld.

De laatste foto’s waren bewijzen van ernstig en

levensgevaarlijk wangedrag op het water.

Die liggen nu op de bodem van het Singel.

 

Hieronder  stonden de foto's die mijn vriendin van de dader kon maken.

Op advies van de politie heb ik ze verwijderd.

Afdrukken van die foto's zijn wel naar de recherche gestuurd voor het onderzoek.

De foto hieronder toont de speedboot gestopt voor een file onder de brug

 

 

 

26 april 2007

 

Drijvende Koninginnemarkt?

 

Zoals dat altijd gebeurt,  kwam het mooiste plannetje voor dit journaal bij toeval bovendrijven. Liefya wil op Koninginnedag haar kelderbox leegverkopen. We bespraken de logistiek van een goede verkoopplek en het vervoer van onze spullen naar die plek.

Met een auto de stad in is op Koninginnedag bijna onmogelijk.

Er wordt op die dag heel wat afgezeuld met karretjes en kinderwagens om de beste verkooplocaties te bevoorraden.

 

Maar we hebben een bootje waar we desnoods de complete inhoud van Liefya’s kelderbox in kunnen vervoeren, dus de oplossing lag voor de hand. Ons mooie plannetje rolde vanzelf

uit die oplossing: Dolfijntje als eerste drijvende Vrijmarktkraam. Transportproblemen opgelost, een eigen stek om te verkopen zonder een stuk straat te hoeven claimen en als de verkoop tegenvalt hoeven we onze kraam niet af te breken om en ander plekje te zoeken. En we kunnen zowel varende als lopende klanten bedienen. 

 

De Bloemenmarkt aan het Singel is de enige markt in de stad

die nog een beetje drijft. Aan de achterkant van die markt is een vrijwel lege kade. Op Koninginnedag zal ons bootje daar ligplaats kiezen als  drijvende Vrijmarktkraam.

Als daar dan nog tien bootjes met Vrijmarktspullen komen afmeren, dan hebben we de eerste drijvende Vrijmarkt in Nederland. Als er honderd drijvende marktkramen naar het Singel komen, zou 30 April 2007 de geboortedag kunnen worden van een mooie Amsterdamse Koninginnedagtraditie.

 

Symbolisch zou daarmee een stukje van de historische functie van onze beroemde grachten worden hersteld. In onze Gouden Eeuw waren er tientallen gespecialiseerde drijvende markten in de stad en vrijwel alles werd in die tijd over water aangevoerd.

Varend Nederland komt op Koninginnedag massaal naar Amsterdam.

Die tienduizenden varende bezoekers zouden met een drijvende Vrijmarkt op onze grachten eindelijk iets anders te doen krijgen dan dronken worden en lawaai maken.

(Foto Stefan Tanner)

Welke zijde van dit stukje Prinsengracht ziet er aangenamer uit?

23 april 2007  

Terras aan het water

 

Per jaar doen drie miljoen bezoekers aan Amsterdam hun eerste indrukken van onze stad op vanaf een rondvaartboot.

 

Wat zie die mensen als ze langs ons historisch erfgoed varen? Heel veel geparkeerde auto's, geparkeerde fietsen, vuilniscontainers en halfgezonken bootjes. Als hun uitzicht op al dat moois tenminste niet wordt belemmerd door die schaftketen op drijvende betonnen bakken die ze woonboten noemen.

 

Hiernaast staan een paar plaatjes van een stukje Prinsengracht zonder woonboten. Tussen al dat gestalde blik en afval zien we daar een kleine oase. Café Het Molenpad heeft twee parkeerplaatsen in gebruik rondom een boompje, waar tafeltjes en stoelen staan voor tientallen mensen die daar dubbel kunnen genieten van alles wat voorbij komt op en langs de drukste gracht van de stad.

Dat is en relatieve zeldzaamheid in Amsterdam. Langs 5 kilometer Prinsengracht zijn 4 terrassen aan het water te vinden waarvan er slechts 2 bereikbaar zijn per boot. Op de bruggen zijn  er nog een paar, maar die zie je nauwelijks vanaf de gracht en ze zijn onbereikbaar voor varende klanten. Langs onze andere grachten is het niet veel beter gesteld.

 

In Utrecht hebben ze goed begrepen hoe kostbaar die wallenkant is. Langs de enige mooie gracht die ze daar hebben zijn zo veel terrassen, dat er een bierboot langs vaart om de cafés te bevoorraden.  De Oude gracht in die stad is juist door die terrassen een lust voor het oog.

 

Er liggen tientallen cafés langs de Prinsengracht in Amsterdam. Stel voor dat die allemaal als het mooi weer is op een paar parkeerplaatsen voor hun deur tafeltjes en stoeltjes mogen zetten voor hun gasten. Als het regent zouden ze dan weer gebruikt kunnen worden als parkeerplaats. De cafébazen zouden waarschijnlijk graag de parkeermeters op die kostbare plekken aan de wallenkant gevuld houden als 'huur' voor hun terrasjes. "I Amsterdam" zou daarmee zonder enige kosten of moeite weer een stukje aangenamer worden om naar te kijken.

Geparkeerde auto's....

 

fietsen en vuilniscontainers...

 

of terrasjes langs onze grachten?

21 april 2007

 

Maritiem themapark op Kattenburg?

 

Er is één eiland in de stad, dat gewone Amsterdammers alleen van de buitenkant kennen.

De bordjes “verboden toegang” op die buitenkant zijn nauwelijks zichtbaar, maar niemand haalt het in zijn hoofd om daar voet aan wal te zetten. Op Google-earth zit op die locatie een blinde vlek op de foto. Zelfs vanuit de lucht mogen we er niet naar kijken.

 

Dat gaat misschien veranderen. Wethouder Maarten van Poelgeest heeft een prachtig plan gelanceerd om van het Marine-eiland op Kattenburg een stadspark te maken. Of het lukt is de vraag want onze Marine is nogal verknocht aan haar historische geboorteplek.

 

In de zeventiende eeuw was de marine veel minder geheimzinnig dan vandaag. Op het detail van de stadskaart uit 1692 dat hiernaast is afgebeeld, is duidelijk te zien wat zich allemaal op het eiland afspeelde. De link eronder leidt naar een pagina waarop een 10 MB afbeelding van de volledige kaart staat. Voorzover ik weet is dat de mooiste historische stadsplattegrond van Amsterdam op het internet

 

Op die oude kaart kan wethouder van Poelgeest tenminste zien waar hij een park van wil maken, al was het Marine-eiland in die dagen veel groter dan nu. De details op die kaart zouden de wethouder misschien kunnen inspireren om er een maritiem themapark van te maken waar ook een plek is ingeruimd voor de roemruchte geschiedenis van onze zee-strijdmacht. Wellicht zouden de onderhandelingen met het ministerie van defensie over zijn voorstel dan wat soepeler kunnen verlopen.

 

Het Marine-eiland in 1692. Op: "Historische stadskaart" staat een 10 MB afbeelding van de volledige plattegrond.

20 april 2007

 

Rectificatie over de Bloemenmarkt aan het Singel

 

Met het schaamrood op de kaken beken ik een grote journalistieke fout. Bij mijn artikelen over de bloemenmarkt aan het Singel heb ik eerder verschenen perspublicaties als bron gebruikt zonder de bloemenhandelaren de gelegenheid te geven tot wederhoor. Dat ga ik nu goedmaken.

 

Een beetje geschokt was ik vanmiddag over mijn gesprek met Maarten Bevaart, die met zijn vader de enige echte bloemenschuit op de markt exploiteert. Ten eerste kan ik melden dat die kwestie met verrotte bloembollen ging om drie handelaars die met hun gesjoemel de reputatie van de hele markt hebben verpest. Ze zijn meer dan voldoende publiekelijk terechtgewezen. Verrotte bollen worden aan het Singel niet meer verkocht.

 

De schok kwam toen Maarten mij vertelde hoe die blinde muur aan de achterkant van de markt is ontstaan. Ik had zelf bedacht dat de megalomane expansiedrift van verwende marktkooplieden die barrière moest hebben veroorzaakt. Ik heb ze valselijk beschuldigd. Die muur is jaren geleden bedacht door de gemeente zelf in een misplaatste poging om de markt te 'moderniseren'. Het gemeentebestuur gaf ooit opdracht aan een architect om die de rij Westlandse broeikassen te tekenen waar we nu nog steeds mee zitten  opgescheept.

 

Geheel in lijn met dat verhaal was Maarten’s volgende onthulling: die monsterlijke posters  die nu op de achterkant van onze eigen Berlijnse muur geplakt zijn, waren óók een initiatief van de gemeente. Het modewoord ‘oppimpen’ zal hier van toepassing zijn. Is dat de enige manier die onze stadsbestuurders kunnen bedenken om de achterkant van onze beroemde  bloemenmarkt minder afstotelijk te maken?

 

19 april 2007

 

De dregboot

 

Wandelend langs mijn eigen stukje Amstelkade zag ik vanmorgen de dregboot van BBA langskomen om gezonken bootjes te lichten. Geen camera op zak deze keer, maar voorbijganger Antony stond op de brug foto's te maken. Hij mailde mij vanavond zijn plaatje van de dregboot met een wrak in de grijper. Dank je wel Antony! Je foto staat hiernaast.

 

De dregbootschipper heeft geen eenvoudige taak.

Hij mag pas aan het werk na een langdurige procedure waarin de booteigenaar veel tijd krijgt om zijn vaartuig zelf te bergen.

 Nesten van meerkoeten verstoren daarna zijn schema.

Die zijn dol op halfgezonken bootjes voor hun broedsel en ze zijn beschermd. Om een meerkoetennest is vorig jaar zelfs een miljoenenproject ter renovatie van een kade zes weken uitgesteld. Totdat de kleine koetjes kunnen zwemmen mag de dregbootschipper noch de eigenaar van de broedboot het nest verstoren. Een paar weken extra uitstel van executie.  Daarna worden de wrakken die honderden, soms duizenden euro's waard zijn, onherroepelijk vermalen tot schroot.

Antony fotografeerde de dregboot in het Amstelkanaal met een wrak in de grijper

18 april 2007  

Mijn Paleis voor Volksvlijt

 

Dit grachtenjournaal is ontstaan uit een dagdroom die ik een jaar geleden had terwijl ik met een seringenboom in mijn bootje van de bloemenmarkt aan het Singel naar de woning van mijn vriendin aan de Zoutkeetsgracht voer om haar verjaarscadeau te brengen. Die dagdroom heb ik beschreven op 16 april 2006 in: “Varende seringenboom.”  Dat is het oudste stukje in dit jounaal. Op 8 april van dit jaar heb ik daar een voorstel aan de gemeente aan toegevoegd om de bloemenmarkt uit te breiden aan de andere kant van het water met proefvergunningen voor open dekschuiten die daar bloemen, planten en tuinartikelen mogen verkopen in traditionele marktkramen. Daardoor zou de markt weer vanaf het water bereikbaar en veel mooier worden.

Er is een precedent: op een aantal foto’s in het Gemeentearchief is duidelijk te zien dat de markt vroeger aan beide zijden van het Singel werd gehouden.  

 

De ‘drijvende’ bloemenmarkt aan het Singel is wereldberoemd, monsterlijk lelijk en wordt op het internet voornamelijk beschreven als de ergste ‘tourist trap’ in Amsterdam.

 

Iedere marktkoopman in Nederland moet zijn spullen opruimen na de werkdag, maar de kooplieden van het Singel zijn vrijgesteld (door wie? waarom?). Ze mochten van de gemeente (BBA dus) in die middeleeuwse gracht een Berlijnse muur van beton en geblindeerd glas bouwen om hun koopwaar van houten tulpen, Delftsblauwe tegeltjes en verrotte bloembollen uitgestald te kunnen laten staan.

 

Mijn voorstel aan de gemeente heel concreet:

15 proefvergunningen voor bloemenhandelaars die met een open dekschuit ligplaats mogen kiezen aan de stille zijde van het Singel bij de Munt. Op die dekschuiten mogen alleen bloemen, planten en tuinartikelen worden verkocht die alleen over water mogen worden aangevoerd. Plus 2 proefvergunningen voor plaatselijke horecabedrijven voor drijvende terrassen tussen de bloemenschuiten in, ten behoeve van varende klanten.

Een beetje fotoshoppen toont mijn dagdroom:

Een opening in die ondoordringbare muur met mijn

boodschappenbootje ervoor, zodat ik potgrond kan laden voor mijn tuin..

 

 

Als dat voorstel wordt uitgevoerd, zou een van de lelijkste stukken gracht in de binnenstad zonder veel moeite kunnen worden omgetoverd tot een van de mooiste. Het zou de slechte reputatie van de markt langzaam herstellen met gezonde concurrentie. Varende Amsterdammers zouden massaal komen kijken naar dit nieuwe fenomeen. De rondvaartboten zouden dat stuk gracht niet langer mijden. Door het succes van de ‘nieuwe’ bloemenmarkt zouden de kooplui aan de overkant hun Berlijnse muur vrijwillig afbreken om mee te profiteren van die opbloei.

 

Mijn voorstel kost een beetje aan voorzieningen die moeten worden aangebracht en het levert een beetje op aan leges voor extra vergunningen. Maar het zou de stad een attractie opleveren van hernieuwd wereldformaat. De markt staat nog steeds vermeld in alle toeristengidsen over Amsterdam, maar haar reputatie is tanende. Wereldberoemd maar doodziek. Een nieuwe impuls die zich richt naar de authentieke oorsprong van die markt heeft een onschatbare PR waarde voor "I AMsterdam".

17 april 2007  

Hopelijk wordt Amsterdam in de toekomst een stukje bootvriendelijker.

Dit is een citaat uit de volgende e-mail die ik vandaag ontving:

 

Hallo beste mensen van Bootvriendelijk,

 

Een suggestie voor jullie bootvriendelijke bedrijven aan het water.

Op de Sloterkade zit een Dirk vd Broek, je mag er officieel niet aanleggen, maar er liggen regelmatig binnenvaartschepen, en ook pleziervaartuigen om even proviand in te slaan. Binnenwaterbeheer doet er daar ook niet zo moeilijk over. Op andere plekken op de Kostverlorenvaart doen zij dat wel omdat er nu eenmaal een afmeerverbod geld.

Verder wil ik jullie zeggen dat ik de website ontzettend leuk, nuttig en informatief vind. Ikzelf vaar ook regelmatig door en om Amsterdam heen, en zie natuurlijk ook alle leuke en minder leuke dingen. Ik zal in de toekomst dan ook dingen die ik tegenkom en nog niet op jullie site staan mailen om zo ook een bijdrage te leveren!

Hopelijk wordt Amsterdam in de toekomst een stukje bootvriendelijker.

Met vriendelijke groet,

 

Marcel Koopal

-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Dit was mijn antwoord:

 

Hallo Marcel,
 
De Dirk aan de Sloterkade had ik opzettelijk niet genoemd omdat daar een afmeerverbod geldt. Niet helemaal onterecht, er komen soms heel grote schepen langs. Er zouden wat faciliteiten gemaakt kunnen worden voor veilig afmeren op die plek. BBA zou daar verantwoordelijk voor zijn. Maarten van Poelgeest van GroenLinks is de nieuwe wethouder van waterbeheer. Ik heb hem onlangs een open brief gestuurd. Hoe meer mailtjes hij ontvangt over aanlegplaatsen voor boodschappenbootjes in Amsterdam, des te groter de kans dat BBA wordt verplicht om daar eindelijk iets aan te gaan doen. Dus: mailtjes naar wethouder van Poelgeest s.v.p., hoe meer hoe liever!
Zijn e-mail adres staat op het internet: m.poelgeest@chello.nl
Dank je wel voor je compliment. Mag ik deze correspondentie gebruiken in het Grachtenjournaal als oproep aan varende Amsterdammers om hier te melden wat ze verbeterd willen zien?  Alle rapportage van wat er in en om de Amsterdamse grachten gebeurt is meer dan welkom. Ik hoop nog vaak e-mails van mijn eerste correspondent Marcel te ontvangen. En van iedereen die iets te melden heeft over de vaarwegen in Amsterdam
Hopelijk wordt Amsterdam in de toekomst een stukje bootvriendelijker.
Groet,
 
Jan Blom
Grachtenjournalist
15 april 2007  

Bootvriendelijke pizzeria

Een kleine pizzeria aan het Zuider-Amstelkanaal bij Hotel Okura mag genoemd worden als een van  de eerste boot-viendelijke bedrijven in Amsterdam. Gevestigd op een brug met een achterdeur aan het water.

In het seizoen staat die deur open en een bord ernaast vermeldt dat je op het telefoonnummer 6703884 pizza’s kan bestellen die daar kunnen worden afgehaald. Dit weekend lagen er weer dikke trossen bootjes afgemeerd bij die achterdeur, zoals altijd als het mooi weer is. Op de route van de Nieuwemeersluis naar de Amstel varen op een dag als vandaag vele honderden bootjes langs die pizzeria. Met bemanningen die tegen de avond vaak hongerig zijn na een lange dag varen. Met bedroevend weinig faciliteiten onderweg voor de varende inwendige mens. Apollo en Okura hotels hebben eigen steigers voor bezoekers, maar voor de meeste bootjesmensen zijn die ver boven het budget. De pizzabakker van de Amstelkade  heeft dat goed begrepen. Hij is zijn tijd vooruit.

 

Naschrift 16 april

Vandaag meerde ik af bij die pizzeria om de pizzabakker te vertellen dat ik reclame voor hem maak op het grachtenjournaal.

De schipper van een ander bootje daar vertelde me dat aan de Oudezijds Achterburgwal in de bocht ook een pizzeria is die bootjesklanten bedient vanuit een deur aan het water. Ik ga daar zeker kijken en zal er hier verslag van doen. 

13 april 2007  

713 gezonken boten in Amsterdam in 2006

 

Met dank aan mevrouw Oosting van de PR afdeling van het Bureau Binnenwaterbeheer Amsterdam kan ik u hier een paar schrikbarende statistieken melden ter correctie van een eerder stukje in dit journaal met de titel: "Gezonken bootjes" 26 maart 2007

 

In 2006 stonden in Amsterdam 9600 pleziervaartuigen geregistreerd. Bureau Binnenwaterbeheer signaleerde in dat jaar 713 gezonken of halfgezonken vaartuigen.

 

Dat betekent dat 8 procent van de booteigenaren in de stad nauwelijks omkijkt naar zijn of haar drijvende bezit. Uiteindelijk zijn 291 gezonken boten door BBA gelicht en vernietigd.   

 

Tot in de jaren 70 van de vorige eeuw werd een flink percentage van de parkeerplaatsen voor auto’s in de stad bezet door autowrakken. Vooral in West zagen sommige parkeerterreinen er uit als sloperijen. Dat is verleden tijd. Parkeerplaatsen in Amsterdam zijn tegenwoordig zo duur,

dat niemand het meer in zijn hoofd haalt om er een wrak op

te laten staan. Probleem opgelost en de stad ziet er een stuk prettiger uit.

 

Dat kan ook op het water en het zou heel goed zijn voor ons allemaal. Wrakken opgeruimd, miljoenen extra inkomsten voor de gemeente en een veilige eigen afmeerplek voor al die varende Amsterdammers die hun boot wél verzorgen en boven water houden. Misschien blijven er dan zelfs plekken over voor kort parkerende boodschappenbootjes.

 

Meneer van Poelgeest, mogen we alstublieft vijf keer zo veel betalen voor de ligplek van onze bootjes om er een legitiem bordje met ‘gereserveerd’ op te kunnen hangen?

 

Amsterdammers zorgen slecht voor hun bootjes

 

11 april 2007  

Drijvende tuinen, varende eilanden

 

Een verhaal over drijvende tuinen in Amsterdam moet eigenlijk beginnen met een eerbetoon aan de pionier van dit fenomeen. De Amerikaanse kunstenaar Karl Glűck alias Victor IV alias Bulgar Finn woonde in de jaren zestig van de vorige eeuw op een woonboot aan de Amstel bij de Blauwbrug. Rondom die boot had hij met drijfhout, oude scheepsluiken en touw een idyllisch dorpje gebouwd van vlotten met kleine huisjes erop. Alles bedekt met een dikke laag stro en gedecoreerd met die typische Victor IV ikonen waar hij na zijn dood beroemd mee geworden is. Vol planten en bloemen en bewoond door kippen, eenden, ganzen, zwanen, geitjes, poezen en soms gasten. Victor beschilderde alles om zich heen. Kippen hadden oranje veren, poesje een blauwe neus.  “Who needs the Pacific Ocean” stond op een plank aan de buitenkant van zijn dorp geschilderd. Ernaast stak een hengel met een klomp aan een touwtje naar buiten voor de rondvaartboten die onophoudelijk de rust van zijn drijvende paradijsje verstoorden.

“De koning van de hippies” was in die dagen de topattractie voor de rondvaart. Hij werd zo genoemd omdat hij blootsvoets door de stad liep en omdat zelfs de vloer van zijn zwartgeteerde besteleend vol stro lag.

Die klomp was bedoeld geweest om de rondvaart op afstand te houden, maar tot Bulgar’s grote verbazing gingen alle kapiteins er geld in stoppen. “They buy off their invasion of my privacy” was zijn commentaar en hij had er vrede mee.

 

In die tijd was ik schipper op de binnenvaart, met Amsterdam als thuishaven. In de stad gebruikte ik mijn reddingsvletje om boodschappen te doen. Bulgar’s vlottendorp werd mijn favoriete aanlegplaats en hij werd een van mijn meest inspirerende vrienden. Zittend op een baal stro uitkijken over de Amstel en ademloos luisteren naar zijn onophoudelijke stroom invallen, grappen, plannen, ideeën en verhalen. Rijke herinneringen van al meer dan twintig jaar geleden. In juni 1986 verdronk Bulgar Finn tijdens reparatiewerkzaamheden onder een van zijn vlotten. Op  http://www.viktoriv.com staat zijn levensverhaal. Zijn boot, de Berendina Fennegina, ligt nog steeds bij de Blauwbrug aan de Amstel maar van zijn vlottendorp is bijna niets meer over. Hoewel het internationaal erkend werd als kunstwerk en vergelijkbare bouwsels van zijn hand in buitenlandse musea staan, zag onze gemeente Bulgar's drijvende dorpje na zijn dood als rommel die moest worden opgeruimd.

De tijden zijn veranderd. Drijvende tuinen zijn in de mode.

De gemeente subsidieert vandaag een eigen netwerk van drijvende tuinen. Gemaakt van stalen buizen met gaas ertussen, netjes op lange rijen in de gracht.                           (wordt vervolgd)

De eerste drijvende tuinen in Amsterdam

 

Karl Glűck alias Victor IV alias Bulgar Finn in de Amstel

10 april 2007

 

Aan de heer Maarten van Poelgeest, wethouder Binnenwaterbeheer van Amsterdam

 

Geachte heer van Poelgeest,

 

Amsterdam weer bereikbaar maken vanaf het water lijkt op het eerste gezicht een absurd doel in de waterrijkste stad ter wereld.

Maar iedereen die langs ons historisch erfgoed vaart, ziet de stille getuigen van verloedering en anarchie. Ligplaatsen geclaimd met bordjes en autobanden, zelfgebouwde aanlegsteigers, honderden gezonken en halfgezonken bootjes en 'ingepikte' ligplaatsen van verkapte woonboten. Allemaal hoogst illegaal maar al jarenlang uit gemakzucht gedoogd. Alle afmeerplaatsen langs de grachten zijn er volledig mee dichtgeslibd. 

 

Mijn bootje is mijn enige vervoermiddel. Zes meter lang, maar ik heb er al complete inboedels mee verhuisd.

Ze kan een halve ton vracht of 7 passagiers vervoeren met een motortje van 6 pk.

Daar heb je op de weg minstens een SUV voor nodig.

 

Dertig procent van Amsterdam is vaarwater. Al het andere verkeer samen moet het doen met een schamele tien procent.

 

In de zeventiende eeuw woonden er meer mensen in Amsterdam dan nu binnen de grachtengordel in het zelfde gebied.

Er stonden bovendien meer dan duizend pakhuizen in de stad voor opslag van goederen die over de hele wereld werden verspreid.

Bijna alles werd over water aangevoerd. In die tijd werd een veel grotere stroom goederen met menskracht door de Amsterdamse grachten vervoerd,

dan vandaag zelfs maar mogelijk is met vrachtauto’s.

 

De bevoorrading van de Amsterdamse binnenstad zou vandaag de dag zelfs met trekschuiten kunnen worden uitgevoerd.

Die zouden er met alle files op de weg niet eens veel méér tijd voor nodig hebben dan vrachtwagens.

 

Canal Company heeft onlangs 9 elektrisch aangedreven sloepjes aangeschaft voor passagiersvervoer, die ieder minstens een ton vracht kunnen laden.

Een vloot van die sloepjes zou bijna alle vrachtwagens in de binnenstad overbodig kunnen maken.

Na een geleidelijke overschakeling zou op termijn de hele grachtengordel gesloten kunnen worden voor voertuigen boven een bepaald gewicht.

Ook SUV’s zouden daarmee uit de binnenstad geweerd kunnen worden.

Milieuvervuiling, file’s, overvolle wegen en schade aan funderingen van historische gebouwen, het zijn allemaal gewichtige redenen om functioneel gebruik van onze vaarwegen serieus te overwegen als alternatief. De winst voor het milieu en voor ons historisch erfgoed die hier te behalen valt is onschatbaar.

 

Ieder initiatief voor vrachtvervoer te water in Amsterdam loopt anno 2007 dood op de onwillige bureaucratie van het oppermachtige Gemeentelijk Bureau Binnenwaterbeheer, dat voornamelijk haar eigen gemakzuchtige belangen behartigt.

 

Daar zou een Groen-Linkse wethouder van binnenwaterbeheer toch eigenlijk iets aan moeten doen. 

We wachten met spanning op uw antwoord, dat we hier zeker openbaar zullen maken.

Met vriendlijke groeten,

 

Jan Blom

Grachtenjournalist

8 april 2007

 

“Op de bloemenmarkt aan het Singel wordt van nu af aan alleen nog kwaliteit verkocht”

 

Dat meldde een grote kop in het Parool van afgelopen zaterdag.

De heren marktkooplieden hebben daartoe zelfs een convenant gesloten. Ze hebben gezamenlijk beloofd dat ze nooit meer rotte bollen aan toeristen zullen verkopen.

 

Als je zo’n stukje goed leest, dan komt dat neer op een forse schuldbekentenis. In feite geven de bollenboeren van het Singel er mee toe, dat ze tot op heden de kluit massaal belazerd hebben Anders was zo’n convenant toch helemaal niet nodig geweest?

 

Hoe onze wereldberoemde drijvende bloemenmarkt aan het Singel is verworden tot een karikatuur van zichzelf, heb ik elders beschreven in:  “Varende seringenboom” (16 april 2006)

Als varende Amsterdammer ken ik die markt alleen maar als een langgerekte steenpuist van beton en geblindeerd glas midden in een van onze mooiste middeleeuwse grachten. Die steenpuist is sinds kort beplakt met grote foto’s van de koopwaar die achter die muur staat uitgestald. Denken die kooplui nu werkelijk dat hun bouwsels daar mooier van worden?

 

Ik stel voor dat we met dank aan Wim T. Schippers de Nederlandsche Bank aan het Frederiksplein permanent gaan beplakken met gigantische foto’s van het Paleis voor Volksvlijt. De stad hangt toch al vol met huizenhoge foto´s op steigerdoekreclames. We bouwen de Haringpakkerstoren op in papier-maché, als filmdecor. En tegen de tijd dat we doorkrijgen hoe monsterlijk die nieuwe grafsteengrijze betonblokken zijn die nu op het Westerdokseiland worden opgetrokken, plakken we er foto´s van oude zeilschepen op.  "Amsterdam Fotostad" wordt onze nieuwe slogan op de toeristenfolders.

 

Het plan om het Paleis voor Volksvlijt te herbouwen was mooi, maar volstrekt onhaalbaar. Mijn voorstel om de bloemenmarkt in zijn oude glorie te herstellen kan zonder kosten en met winst voor de gemeente worden gerealiseerd.

 

Als het vroeger druk was op de markt, dan weken de schuiten met bloemen uit naar de andere wal met hun handel.

Met dank aan het Gemeente Archief kan ik laten zien dat in 1905 de markt aan beide zijden van het Singel én op de Muntbrug werd gehouden.

 

Stadsdeel Centrum zou op proef nieuwe afmeervergunningen kunnen afgeven voor open dekschuiten aan de andere kant van het water. Met traditionele marktkramen er op of er vóór, zouden die dan uitsluitend bloemen, planten en tuinartikelen mogen verkopen die over water moeten worden aangevoerd.  

Een gezond en milieuvriendelijk stukje concurrentie voor de verwende luxe kooplui met hun slechte reputatie aan de overkant.

 

 Het Singel bij onze wereldberoemde bloemenmarkt  is een van de lelijkste stukken vaarwater in Amsterdam geworden.

Aan de nu lege overkant zou een nieuw veelkleurig lint van open schuiten vol bloemen en planten kunnen ontstaan.

Met een beetje feestverlichting voor de avond en een paar drijvende terrasjes er tussen, zou dat een attractie zijn waar heel varend Amsterdam op af zou komen,  inclusief 3 miljoen rondvaartpassagiers per jaar. Als vervolgens alle bootjesmensen in Amsterdam aan die kant vanaf het water hun bloemen en planten gaan kopen, dan zou die monsterlijke muur met foto´s wel eens vanzelf kunnen verdwijnen.

 

Langgerekte steenpuist van beton en geblindeerd glas

 

In 1905 werd de markt aan beide zijden van het Singel én op de Muntbrug gehouden

 

In 1955 waren de verlichte bloemenschuiten 's avonds nog een lust voor het oog

 

4 april 2007

 

Aalscholver

 

Aalscholvers zijn geen stadsvogels. Ze zijn vrij schuw en ze komen alleen op plaatsen waar veel vis te vangen is. Rond het IJsselmeer en langs de grote rivieren zijn een paar grote kolonies, maar op de Amsterdamse grachten werden ze zelden gezien. Te vies, te veel lawaai en te weinig vis in het water.

 

In de laatste paar jaar is er veel gebeurd met het water in Amsterdam. Sinds 2005 zijn alle woonboten aangesloten op de stadsriolering en er is een gloednieuw rioolsysteem gebouwd.

De grachten zijn schoner dan ze ooit zijn geweest. Vissen en watervogels vinden er dankbaar een nieuw domein. Zelfs de aalscholver overwint zijn schuwheid voor de lekkere hapjes onder water.

 

Vorig jaar zag ik mijn eerste aalscholver in Amsterdam, op een paal in het Oosterdok. In die typische houding met gespreide vleugels, die ze soms een uur lang kunnen volhouden. Die hele zomer kwam ik hem daar bijna dagelijks tegen op zijn eenzame paal. Ik heb intussen geleerd dat die houding noodzakelijk is  om hun vleugels te drogen na een duik. Alle andere watervogels hebben vet tussen hun veren, maar een aalscholver is drijfnat als hij boven water komt met een vis.

 

Die ene aalscholver moet in de afgelopen winter zijn maatjes hebben ingeseind dat de Amsterdamse grachten tegenwoordig vissersparadijsjes zijn. Dit jaar zie ik ze bijna elke dag, overal in de stad. Vanmiddag dook er een op tussen twee rondvaartboten op de Prinsengracht.

Opvliegen wilde niet lukken in die smalle ruimte. Van een halve meter hoogte ging hij in paniek met een harde plons weer onder water. Jammer genoeg ging het te snel om een camera te pakken, het was een komische film.

 

Reigers, meerkoeten en ganzen zijn in de laatste jaren echte stadsvogels geworden. Hun soms massale aanwezigheid wordt hier en daar zelfs al als ‘plaag’ omschreven. Zou de schuwe aalscholver de volgende kolonisator van ons gemeentewater kunnen worden? Als dat gebeurt, bewijst het in ieder geval dat ons grachtenwater echt schoner wordt.

 

Symbool van schone grachten

 

 

Na zijn paniekduik op de Prinsengracht

3 april 2007

 

Ligplaats

 

De meeste Amsterdamse bootjesmensen hebben een stekkie, liefst zo dicht mogelijk bij huis, waar ze hun bootje veilig kunnen afmeren en aan de wal vastmaken met een ketting of een kabel. Er worden veel bootjes en buitenboordmotoren gestolen.

Een veilige afmeerplek is waardevol.

 

Met een belastingsticker van het BBA mag je met een plezierboot in principe op iedere legale en vrije plek aan de Amsterdamse grachten afmeren. Mijn goede vriend Joop is onlangs verhuisd naar een benedenwoning aan een stil grachtje in Osdorp.

De wal van dat grachtje was schuin en modderig, maar bij zijn achtertuin stak een mooie steiger in het water, waar hij dankbaar zijn boot afmeerde. Na een week kreeg hij bezoek van een boze vorige bewoner, die hem sommeerde om die steiger vrij te maken. Hij had die steiger twee jaar geleden eigenhandig gebouwd en zijn bootje kwam nu uit de winterstalling.

Joop ging naar het stadsdeel om opheldering te vragen. Daar werd hem verteld dat die steiger nooit gebouwd had mogen worden, maar dat hij nu wel werd gedoogd. En dat Joop het volste recht had om zijn boot daar af te meren. Maar als hij ging varen, was er geen enkele manier om zijn ligplaats te beschermen. Opgestaan, plaatsje vergaan.

 

Die regel botst met de belangen van alle bootjesmensen in Amsterdam. Daarom hangt de wallenkant vol met bordjes:  "Ligplaats vrijhouden", "Gereserveerd voor", "Verboden te meren."

Allemaal illegaal, maar gelukkig respecteren de meeste pleziervaarders elkaars plekje langs de wal. De meesten hebben zelf ook zo´n plek die ze koesteren en volhangen met fenders, bordjes en autobanden.

 

Een recent plan van de gemeente om de liggelden te verhogen is gestrand, maar ik vermoed dat heel wat Amsterdamse pleziervaarders bereid zijn om een veelvoud van hun huidige stickertarief te betalen voor een eigen afmeerplek. Daarmee zijn ze nog steeds goedkoper uit dan in een jachthaven ver van huis. Een onaangeboord goudmijntje voor de gemeente, waarmee tegelijk kan worden afgerekend met een ander stukje Amsterdamse bootjesanarchie: die honderden volgeregende halfgezonken bootjes waar we ons collectief voor zouden moeten schamen. (zie 'Gezonken bootjes' 26 maart 2007) Als hun ligplek is geregistreerd en relatief veel geld kost, zullen ze vanzelf verdwijnen of  beter verzorgd worden.

Je ziet in dure jachthavens zelden gezonken boten liggen. 

 

Bordjes in  alle soorten en maten moeten de gekoesterde ligplaatsen beschermen

2 april 2007

 

Protest tegen afmeerverbod beloond

 

De ‘P’ borden zijn weg uit de Jordaangrachten en niemand heeft het nog in de gaten. De laatste stunt van ons oppermachtig en alwetend Bureau Binnenwaterbeheer was een onlangs in de pers met veel bombarie aangekondigd afmeerverbod langs de zuidzijde van alle Jordaangrachtjes. Volgens het BBA worden de grachten te druk bevaren en vormen de geparkeerde bootjes een obstakel voor passerende rondvaartboten. Een BBA ploeg rukte uit om ‘P’ borden te plaatsen. Enkele honderden bootjes moesten verkassen en de Bloemgracht werd leger dan hij ooit geweest was.

 

Maar er kwam heftig protest. De krant stond vol met boze ingezonden brieven. Rondvaartkapitein Meinema woont aan de Bloemgracht. Hij kreeg in Het Parool de gelegenheid om te vertellen wat iedere Jordaanbewoner weet: “behalve in de Lauriergracht varen er zelden rondvaartboten in de Jordaan. Dat afmeerverbod is overbodige, onzinnige willekeur.”

 

Zelfs de BBA komt niet ongestraft aan de heilige afmeerplekjes van het Amsterdamse bootjesvolk en heeft nu stilletjes het hoofd gebogen. De borden zijn weg.

 

Eigenlijk is het weghalen van die borden even zot als het plaatsen er van. In feite geeft de dienst er mee toe, dat een paar honderd mensen zonder enige geldige reden of aanleiding op stang kunnen worden gejaagd door een domme ambtenaar achter een bureau die niet luistert naar zijn eigen buitendienst. Want behalve plezierbootjes zijn de patrouilleboten van het BBA zo ongeveer de enige regelmatige bevaarders van de grachtjes in de Jordaan.

 

 

De borden zijn weg maar de Bloemgracht is nog steeds leeg

30 maart 2007

 

City Cargo of City Hopper?

 

Iedereen doet heel enthousiast over die nieuwe vrachttram in Amsterdam. Ik heb er nog nergens kritische woorden over gevonden. Toch had ik al vorig jaar, bij de eerste lancering van het plan, ernstige bedenkingen die nog steeds overeind staan.

 

Zo’n vrachttram heeft een eigen gewicht van 30 ton en kan niet veel meer dan 10 ton vracht vervoeren. Die verhouding is in feite absurd. Er moet vele malen meer energie worden opgewekt om 40 ton gewicht elektrisch te laten rijden, dan voor een diesel-vrachtwagentje met 10 ton lading. Het enige voordeel is dat de veel grotere vervuiling elders plaatsvindt, bij de elektriciteitscentrale.  

 

Ik voer vandaag met de rondvaartboot op de Amstel onder de Hogesluisbrug door, terwijl zo’n city-cargo tram over de brug denderde. Alle gasten aan boord in een korte shock, zoals altijd onder een brug waar een tram overheen rijdt. Een stad die op modder staat is eigenlijk niet geschikt voor zware voertuigen. Dat weten alle bewoners van huizen waar trams en vrachtwagens dicht langs rijden.

 

Bij het Amstel Hotel kwamen we een van de eerste city-hopper sloepjes van Canal Company tegen. (zie 'City Hopper',

28 maart 2007). Ik bedacht me op dat moment, dat diezelfde 10 ton vracht met gemak in twee van die nieuwe elektrische sloepjes zou passen. Die zouden dan geruisloos en trillingvrij met relatief kleine elektromotortjes op veel meer plaatsen dan de tram hun goederen kunnen afleveren. Superzuinig, schoon en zonder enige belasting van het overvolle wegennet.

 

Er is één, nota bene Amerikaans, bedrijf dat onze grachten gebruikt waar ze voor bedoeld zijn. Bij koeriersbedrijf DHL hebben ze ontdekt dat de combinatie van vrachtboten en fietsen de snelste manier is om in Amsterdam pakjes rond te brengen. De knalgele “Hollands Glorie” van DHL vaart al enige jaren haar rondjes door de stad met fietsen, pakjes en een compleet kantoor aan boord.

 

Amsterdam bezit het mooiste vaarwegennet ter wereld en we leven in een tijd van grote milieu en verkeersproblemen. Door alle files op de weg zou lokaal vrachtvervoer over water anno 2007 niet alleen veel zuiniger, maar ook vaak sneller zijn dan wegtransport. Tijd voor een heroverweging?.

De City-Cargo tram dendert met 40 ton gewicht door de straten

 

 

DHL is het enige bedrijf dat onze grachten gebruikt waar ze voor bedoeld zijn

(foto Wil Morcus)

29 maart 2007

 

Plastic boodschappentasjes in de grachten

 

De schrik van iedere Amsterdamse pleziervaarder. Ze drijven niet en ze zinken niet. Net als kwallen zweven ze bijna onzichtbaar nét onder het wateroppervlak, klaar om toe te slaan bij iedere passerende buitenboordmotor. Plop, plop, plop en de schipper moet zenuwachtig naar een veilig plekje manoeuvreren, arm in het koude water steken en dan trekken en wroeten om die troep uit de schroef te krijgen. 

 

Bij de gemeenteraad van San Francisco in de V.S. hebben ze uitgerekend dat alle supermarkten in die stad samen per jaar een slordige 800 miljoen plastic boodschappentasjes gratis aan hun klanten meegeven. Een overbodige enorme berg onafbreekbaar afval, die relatief veel geld kost om te verwerken.  Daar gaan ze iets aan doen. San Francisco wordt de eerste plastic-boodschappentassenvrije stad ter wereld. De supermarkten daar mogen van nu af aan alleen nog tassen van papier en andere afbreekbare materialen aanbieden.

 

Bovenstaand bericht vond ik vanmorgen op CNN. Vanmiddag maakte ik deze foto van het water voor Hotel Pulitzer aan de Prinsengracht. Als de Amsterdamse gemeenteraad het goede voorbeeld van San Francisco zou volgen, dan zou dat in ieder geval dankbaarheid, steun en stemmen opleveren van vele  duizenden bootjesmensen in de stad, nog afgezien van de overduidelijke milieuwinst die hier te behalen valt.

 

De schrik van iedere Amsterdamse pleziervaarder

 

28 maart 2007

 

Canal Hopper

 

Canal Company directeur Felix Guttmann verdient een prijs voor milieubewust ondernemen. Rondvaartboten die op aardgas varen, een programma voor sponsoring van plaatselijke goede doelen en nu zijn jongste bijdrage aan milieuvriendelijk openbaar vervoer in de stad: de 'Canal Hoppers'. Een vloot van 9 elektrisch aangedreven open sloepen die, voorlopig in het weekend, op de vaste routes van Canalbus gaan varen.

Een aanwinst voor het watervervoer in de stad!

Hopelijk zullen de routes van Canal Hopper in de toekomst ook door die kleine grachtjes leiden, waar de normale rondvaart niet kan komen. Kromboomssloot, Oudezijds Achterburgwal en de Jordaangrachten hebben ook veel moois te bieden.

Uitgebreide informatie vindt u hier: Canal Hopper

27 maart 2007

Een volle Canal Hopper op de Herengracht.

Bootvriendelijk

 

Nog niet zo lang geleden waren er in Amsterdam vijf supermarkten met een ingang aan een gracht waar je met een bootje kon afmeren om boodschappen te doen.

Dirk van den Broek aan de Motorkade in Noord was bekend bij alle Nederlandse binnenschippers. Die voeren vanuit de Houthaven met vletjes helemaal naar Noord om te provianderen voor de reis. Veel goedkoper dan de parlevinker en met zo'n vletje kon je zonder veel gesjouw een berg boodschappen naar je schip brengen. In die tijd heb ik geleerd hoe veel praktischer het is om met een bootje boodschappen te doen in Amsterdam.

Dirk verhuisde naar een onbereikbare locatie voor bootjes.

Een paar andere bootvriendelijke supermarkten sloten hun deuren en uiteindelijk was de Oer-Dirk aan de Bilderdijkstraat de laatste in de stad. Die had een achteringang aan de Bilderdijkkade die al door veel varende shoppers ontdekt was.

Helaas heeft Dirk vorig jaar die achteringang gesloten voor het publiek en er een personeelsingang van gemaakt. Zodat we vandaag wéér honderden meters moesten sjouwen met loodzware boodschappentassen om van de ene kant van die Dirk naar de andere te komen.

 

Meneer Dirk, als u een beetje hart hebt voor uw varende klanten, zou daar dan misschien een mouw aan te passen zijn? We zouden in dit journaal graag willen aankondigen, dat Dirk van den Broek weer bootvriendelijk is. Als daar wat publiciteit aan gegeven werd, zou dat in ieder geval in de zomer een flinke stroom extra klanten kunnen opleveren.

 

Voor de winkelende bootjesbezitters in Amsterdam willen we in dit journaal een inventarisatie maken van bedrijven die het predikaat 'bootvriendelijk' verdienen. Voor tips en commentaar kunt u terecht bij Amsterdam Bootvriendelijk

26 maart 2007

 

Gezonken bootjes

Amsterdammers zorgen slecht voor hun bootjes. Volgens het Bureau Binnenwaterbeheer worden per jaar rond 400 gezonken en halfgezonken bootjes als wrakken gelicht en vernietigd. De meeste zijn alleen vol-geregend  met de buitenboordmotor er nog op en onder water een complete inventaris. Per boot een waarde van honderden en soms duizenden euro's, in het najaar nonchalant achtergelaten door mensen die in de koude tijd even vergeten dat ze een bootje hebben. Dat komt ze meestal duur te staan, bootje lichten, schoonmaken en repareren van winterschade kost veel meer tijd en geld dan een beetje regelmatig onderhoud.

Toeristen op rondvaartboten varen verbijsterd langs die wrakkenvloot.

 

Onbedoeld dragen al die nonchalante booteigenaren bij aan de instandhouding van een beschermde vogelsoort: de meerkoeten. Bijna alle halfgezonken bootjes in de stad zijn in het voorjaar gekraakt door een jong gezin. Meerkoetenmannen bevechten elkaar om takjes en afval te draperen op alles wat nog net boven water uitsteekt. Per jaar worden in Amsterdam minstens 300 meerkoetennesten uitgebroed op halfgezonken bootjes.

 

24 maart 2007

 

Meerkoetennest 

 

De meerkoet van Hotel Pulitzer zit weer te broeden op haar vaste stek, op een prachtige verzameling takjes, plastic zakken, bekertjes en ander afval. Dit jaar heeft ze zelfs een heuse stootwil aan haar nest geknoopt om haar eitjes te beschermen tegen al die langsvarende rondvaartboten.

 

Buiten de stad bouwen meerkoeten imposante  vlechtwerken van riet als nest, maar Amsterdamse koeten zijn prima aangepast aan het stadsleven. Ze planten zich voort met veel dank aan onze slechte gewoontes.

Al het afval dat ze op het water tegenkomen wordt zorgvuldig ingevlochten met takjes, cassettetape, rood-wit politielint en touw, tot vuilnisbeltjes waar ze als zwarte koninginnetjes bovenop zitten. Ik heb zelfs een keer een nest gezien, waar een Baccarat roos ingevlochten zat.

De honderden halfgezonken plezierbootjes die na iedere winter door de stad verspreid liggen, zorgen in het voorjaar voor veel koetengeluk. Makkelijke opstap laag boven het water voor het nest en een binnenbadje waar de koters veilig in kunnen leren zwemmen. 

23 maart 2007

 

 "Amsterdam is blut"      

 

Dat stond op 22 maart in Het Parool.

Diezelfde avond maakte ik de foto hiernaast van de Magere brug. De "most famous bridge in Amsterdam" is goed voor drie miljoen toeristenfoto's per jaar.

Die brug is het symbool van de stad, het meest herkenbare object voor iedere buitenlandse bezoeker. Zoals de Eiffeltoren dat is voor Parijs en het vrijheidsbeeld voor New York.

En 's avonds, met de lichtjes aan, was de Magere brug de meest romantische plek in de stad. Achtergrond voor ontelbare trouwfoto's, modereportages en huwelijksaanzoeken

 

Verleden tijd, want wie nu in de avond naar het symbool van onze stad kijkt, ziet een verrot gebit. De kapotte lampjes zijn niet te tellen. Ze worden al maandenlang niet meer vervangen.

Ook elders in de stad is het droevig gesteld met de verlichting rondom het water. Alleen bij de 7 bruggetjes van de Reguliersgracht is vorig jaar nieuwe verlichting aangebracht,

in discokleuren. Het lijkt alsof de Gemeentelijke Dienst voor Verlichting van Bruggen daarna is opgeheven. Ik geneer me de laatste tijd, om 's avonds met buitenlandse gasten te varen. Vanaf het water lijkt Amsterdam op veel plaatsen op een derdewereldstad. We zijn blut en alle toeristen moeten dat zien.

   De Magere brug nu, symbool van een derdewereldstad

 

16 april 2006      -    Dit stukje schreef ik een jaar geleden. Intussen is de muur beplakt met foto's van de voorkant van de markt (onderste foto's)

Varende seringenboom

Het seringenboompje op het balkon van mijn vriendin heeft de afgelopen winter niet overleefd. Voor haar verjaardag wil ik haar verrassen met een stevige nieuwe boom. Ik ga op zoek naar een tuincentrum in de buurt van bereikbaar vaarwater. Mijn boodschappenbootje heeft al vaker goede diensten bewezen bij het vervoer van lastige objecten in Amsterdam. Liefya woont op Prinseneiland. Ik zie mezelf al door het Westerdok tuffen met een bloeiende sering op de voorplecht. Ze zou haar cadeau vanaf haar balkonnetje al van ver kunnen zien naderen.

 

Tuincentra hebben allemaal grote parkeerplaatsen voor auto’s. Ze verkopen planten, struiken, bomen, complete tuinhuisjes en nog veel meer dingen die niet in een auto passen.  Maar in onze stad met het meeste vaarwater ter wereld is geen enkel tuincentrum bereikbaar voor dat meest logische vervoermiddel voor al dat spul: een bootje.

 

De bloemenmarkt aan het Singel dan. Wereldberoemd, maar de laatste tijd vooral negatief in het nieuws. Er was een schandaaltje met verrotte bloembollen die aan toeristen werden verkocht. En dan de marktkooplui die actie voeren om andere dingen dan bloemen en planten te mogen verkopen. Moet ik mijn seringenboompje vinden tussen houten tulpen en Delfts blauw?

 

Er is geen alternatief. Ik vaar onder de Muntbrug door naar die onneembare muur van beton en geblindeerd glas waar bloemen en planten achter moeten staan. Een enkele oude dekschuit ligt ingeklemd tussen al dat beton en glas . Het enige stukje van onze beroemde drijvende bloemenmarkt waar je vanaf het water kan zien wat er plaatsvindt. Door een hek op de schuit zie ik planten en boompjes staan. Maar het hek zit vastgeschroefd en kan niet open. De bloemenman op de schuit wijst me een gaatje verderop in de muur, een stukje wallenkant waar mijn bootje precies in zou passen als het er niet ondiep zou zijn: een halve meter van de kant loopt de kiel vast. Er staat een hek op de wal waar rijen fietsen tegenaan staan, maar na een wiebelige klimpartij loop ik even later tussen het groen. Het aanbod valt mee, er zijn seringen in diverse prijzen.  Maar de dekschuit verdient mijn solidariteit. Die bloemenman is de laatste der mohikanen. Hij doet gelukkig niet mee met de waan van de dag. Hij verkoopt alleen bloemen en planten op een echte schuit en daar staat zowaar een mooie sering tussen. Niet goedkoop, maar hij overtuigt me van de kwaliteit en biedt me aan de boom met een steekwagen naar mijn bootje te brengen. Hij vertelt ook dat het hek aan de waterkant vroeger wel open kon. In een ingeving doe ik hem een voorstel. “Maak een poort in dat hek en hang bloembakken aan de waterkant. Zorg dat de pleziervaart kan afmeren, leg desnoods een pontonnetje neer en ik zorg dat je varende klanten krijgt.”

 

De bloemenmarkt aan het Singel is in 1874 opgericht door de gemeentelijke dienst voor het marktwezen. Dekschuiten vol planten langs de wal, marktkramen met bloemen op de kade. Al in de negentiende eeuw was de markt beroemd. Het lint van kleuren langs de eeuwenoude gracht bij de Munttoren werd afgebeeld en bezongen door grote kunstenaars  Veel mooie schilderijen en foto’s  uit die tijd getuigen van een adembenemend stukje Amsterdam..

De roem van de markt bestaat vandaag eigenlijk alleen nog maar in de toeristengidsen. De rondvaartboten (met 3 miljoen passagiers per jaar) mijden dat stuk gracht omdat het zo lelijk is. Ook pleziervaart komt er nauwelijks. Iedereen ergert zich aan die Berlijnse Muur in het water, maar we zijn er aan gewend. Alleen onze buitenlandse gasten vragen zich verbaasd af welke ambtenaar zo veel smeergeld heeft ontvangen om deze monsterlijke verkrachting van  stedenschoon toe te staan.

 

Terug op mijn bootje, omringd door seringengeur, heb ik een dagdroom die best uit zou kunnen komen. Ik denk aan Wim T. Schippers met zijn prachtige droom om het Paleis voor Volksvlijt te herbouwen en ik formuleer mijn eigen droom: De bloemenmarkt herstellen in zijn oude glorie als een watermarkt met echte schuiten en ouderwetse marktkramen ervoor.

Ik zie een groen gat met bloemen in de muur, het hek van de laatste dekschuit wijd open met een tros bootjes langszij die worden beladen met grasplaggen, boompjes, zakken potgrond en al die andere tuinartikelen die zo makkelijk in een bootje te vervoeren zijn. Ik zie de betonnen buurman van de dekschuit jaloers worden om al die nieuwe handel en ook bloembakken ophangen aan de waterkant en een schuifpui monteren om ook klanten vanaf het water te kunnen bedienen. Ik zie dat groene gat met bloemen vanzelf verder groeien. Uit economische motieven worden steeds meer betonnen bakken vervangen door ‘echte’ schuiten met ‘echte’marktkramen op de wal. Op het resterende drijvende beton zie ik hier en daar een open terras, vooral voor het bootjesvolk een weldaad en bovendien veel minder afstotelijk dan een blinde muur. Ik zie uiteindelijk zelfs de kooplui zich weer naar het water richten voor de aanvoer van hun handel. Met een vrachtauto in de binnenstad is ook geen pretje meer en dat wordt alleen maar erger.

 

Op de Prinsengracht wordt mijn bootje met boom van alle kanten toegewuifd en gefotografeerd. Een rondvaartboot stopt naast mij, er worden 100 camera’s op mijn sering gericht. Uiteindelijk tuf ik echt in het Westerdok met mijn boom. Ik bel Liefya dat ze haar cadeau al van een kilometer afstand kan zien aankomen. Maar hoewel ze vanuit haar flat aan alle kanten op water uitkijkt, is de aflevering niet eenvoudig. Vlak onder haar flat is een lange, lege kade waar ik mijn bootje niet meer mag afmeren. Niet zo lang geleden ben ik door een barse varende ambtenaar van Bureau Binnenwaterbeheer gewaarschuwd dat hij mij bij een volgende overtreding onherroepelijk op de bon zou slingeren.

De dichtstbijzijnde plek waar mijn bootje wel mag liggen is bijna een kilometer weg en de sering is zwaar. Dus hijs ik in een levensgevaarlijke toer vanaf mijn los drijvende bootje die boom op de hoge kade en bel Liefya nog een keer, nu om haar kado te komen bewaken terwijl ik het bootje naar de legale plek breng. Met dank aan BBA is dat alles bij elkaar een operatie van een half uur voor twee personen, maar de sering staat op zijn plek. 

                        Onneembare muur van beton en geblindeerd glas

 

 

                       Een enkele oude dekschuit ligt daartussen ingeklemd

 

 

Zo zag de bloemenmarkt er uit aan het einde van de negentiende eeuw

 

 

 

En dit hebben ze er anno 2007 van gemaakt

 

 

 


Contact   -   AT5   -  Het Parool   -   Amsterdam Info   -    Amsterdam.nl    -    De Volkskrant    -    Liefya    

Copyright © Grachtenjournaal 2007