De meerkoet van Hotel Pulitzer zit weer te broeden op haar vaste stek, op een prachtige verzameling takjes, plastic zakken, bekertjes en ander afval. Dit jaar heeft ze zelfs een heuse stootwil aan haar nest geknoopt om haar eitjes te beschermen tegen al die langsvarende rondvaartboten.
Buiten de stad bouwen meerkoeten imposante vlechtwerken van riet als nest, maar Amsterdamse koeten zijn prima aangepast aan het stadsleven. Ze planten zich voort met veel dank aan onze slechte gewoontes.
Al het afval dat ze op het water tegenkomen wordt zorgvuldig ingevlochten met takjes, cassettetape, rood-wit politielint en touw, tot vuilnisbeltjes waar ze als zwarte koninginnetjes bovenop zitten. Ik heb zelfs een keer een nest gezien, waar een Baccarat roos ingevlochten zat.
De honderden halfgezonken plezierbootjes die na iedere winter door de stad verspreid liggen, zorgen in het voorjaar voor veel koetengeluk. Makkelijke opstap laag boven het water voor het nest en een binnenbadje waar de koters veilig in kunnen leren zwemmen.


